Project Migratie
De Stichting Gerrit Kreveld wil op een stimulerende en beleidsondersteunende manier meedenken over de mogelijkheden en de grenzen van de sociale democratie in de huidige maatschappelijke context. Als onafhankelijk centrum voor studie, bezinning en initiatieven die het sociaaldemocratisch gedachtegoed ondersteunt, maakt de Stichting hiervan concreet werk door nieuwe impulsen en verdieping te geven aan de meest actuele thema’s. Om evidente redenen staat de migratieproblematiek daarbij vooraan op onze werkagenda.
Voor
de westerse wereld, West-Europa in het bijzonder, is migratie een enorme
uitdaging. Deze uitdaging werd in de vorige jaren aangepakt rond de thema’s arbeidsmigratie,
asiel en migratie en huwelijksmigratie. Er werden een aantal studiedagen
ingericht waarvan u korte verslagen kan lezen (zie Project migratie:
studiedagen). Er volgden ook een aantal publicaties: Vreemdelingen over de werkvloer. Het debat over de arbeidsmigratie en
de migratiestop in kaart (auteur: Patrick Loobuyck, uitgegeven bij Academia
Press in 2001, en Huwelijksmigratie, een
zaak voor de overheid?, een bundel geredigeerd door Frank Caestecker en
uitgegeven in 2005 bij Acco.
Een derde publicatie kwam tot stand in het kader van het project Onderwijs in de immigratiesamenleving, dat in 2004 werd opgestart. De keuze voor onderwijs lag nagenoeg voor de hand. Gelijke kansen voor alle scholieren prijkt met name bovenaan de agenda van het actuele onderwijsbeleid in Vlaanderen. Het Vlaamse onderwijs scoort in internationale vergelijkingen bijzonder hoog, maar kent evenzeer de realiteit van grote sociale ongelijkheid, zo blijkt uit de PISA-onderzoeken van de OESO. De kloof tussen de onderwijsprestaties van kinderen van hoogopgeleide en kinderen van laagopgeleide ouders is onrustwekkend diep. Onder de laatste categorie zijn allochtonen daarenboven pijnlijk oververtegenwoordigd. Dat wil zeggen dat de Vlaamse scholen allochtone jongeren onvoldoende toerusten voor het behalen van de betere jobs op de arbeidsmarkt, alsook voor de actieve participatie aan de burgersamenleving. Zij dreigen dus in de kennismaatschappij van vandaag en morgen uit de boot te vallen. De kwalificatie-eisen op de arbeidsmarkt nemen, in de zich steeds meer globaliserende economie, alsmaar toe. En met de invoering van (verplichte) inburgeringstrajecten worden allochtonen sterker tot actief burgerschap aangespoord. De zorg om deze maatschappelijk kwetsbare groepen is dermate groot dat een inhaalbeweging zich opdringt. Daarom wordt meer en meer gewaagd van een wenselijke tweede democratiseringsbeweging, in aansluiting op de eerste golf uit de jaren 1950-1970.
Tegen deze achtergrond organiseerde de Stichting Gerrit
Kreveld op 28 en 29 april 2005 in Het Pand in Gent een colloquium onder de
titel Onderwijs onderweg in de
immigratiesamenleving. In november van hetzelfde jaar werd daaraan een
vervolg gegeven middels de organisatie van drie rondetafelgesprekken rond de
thema’s comprehensief onderwijs, concentratiescholen en meertalig onderwijs.
Deze rondetafels leverden een aantal concrete beleidsvoorstellen op.
In december 2006 organiseerde de
Stichting Gerrit Kreveld, in samenwerking met een aantal parlementairen een
lezing: Een andere nationaliteitswetgeving? Professor Kees Groenendijk
en Mevrouw Ricky van Oers, beiden verbonden aan de Radboud Universiteit
Nijmegen, spraken over de ervaringen in Nederland. Een artikel over dit zelfde
onderwerp verscheen in Samenleving en politiek, jaargang 14, 2007, nr. 4
(april): Toetsing
van integratie bij naturalisatie: lessen uit de Nederlandse praktijk (Ricky van Oers).