Abonneer Log in

De media-side aan de zijlijn van Euro 2000

redactioneel

Samenleving & Politiek, Jaargang 7, 2000, nr. 6 (juni), pagina 1 tot 2

De laatste weken voorafgaand aan Euro 2000 werden we overspoeld door berichtgeving over de veiligheid, de onveiligheid en het hooliganisme. De media leken in niets anders meer geïnteresseerd dan in de aanpak van dat probleem. Over die berichtgeving én over de aanpak van de media ervan valt een aantal dingen te zeggen. Immers, door het op die manier toespitsen van de aandacht op een dergelijk probleem ontstaan allerlei neveneffecten waarover onvoldoende wordt nagedacht en waardoor de media zelf een actor dreigen te worden. Bovendien zorgt hun dubbele houding voor bijkomende problemen.

Selffulfilling prophecy

Gezien de aard van het feestje zelf zijn meningsverschillen, onvrede, frustratie én eventuele vechtpartijtjes onvermijdelijk geworden. Door de media-aandacht worden ook die buiten proportie uitvergroot. De heisa rond de feestvierende Belgen na afloop van de gewonnen openingswedstrijd op het Beursplein in Brussel is bij deze illustratief. De aanwezige camera’s registreerden elke trap, elke schreeuw of duw en maakten alvast voor hen van deze eerste nacht een geslaagde opening. Dagen nadien was het feest na de overwinning verworden tot dit ene bijzonder beperkte fait divers. Hadden ze het ons niet voorspeld ?

Veiligheidsdiensten

Bovenstaand voorbeeldje bewijst overigens ook hoe door de wekenlange aandacht de veiligheidsdiensten gespannen reageren op zelfs zoiets als een feest. Kost wat kost dienen rellen en moeilijkheden te worden vermeden. Dat daarbij traangas wordt gebruikt om feestvierders de toegang tot de Brusselse Grote Markt te ontzeggen is ontegensprekelijk een verkeerd gevolg van de heisa rond de veiligheid. Kort voor de wedstrijd Portugal-Engeland in Eindhoven dienden stomverbaasde politiemensen plots de toegangsweg naar het stadion volledig af te sluiten omdat aan de ingang ervan een veiligheidsgevaar dreigde. Nietsvermoedende Britse supporters mét geldig toegangsbewijs werden door personen in gevechtsuitrusting tegengehouden zonder de nodige uitleg. Volgens iedereen een bijzonder spannende situatie die in dit geval echter goed afliep.
De media deden wekenlang niks liever dan de veiligheidsdiensten wijzen op eventuele tekortkomingen en gevaren, en legde op die manier de lat dusdanig hoog dat « normaal » functioneren bijna onmogelijk werd. Zoals burgemeester De Donnéa daags na de «rellen» in Brussel verklaarde, moeten de supporters (én de media) beseffen dat bij eventuele moeilijkheden de Grote Markt moeilijk bereikbaar is voor de hulp- en ordediensten. Vandaar de eigenlijk absurde maatregel om het feestende publiek de toegang te ontzeggen. De media hadden immers mogelijke moeilijkheden voorspeld.

Hooligan

Nogal wat aandacht werd besteed aan het «beest» zelf, met name de hooligan. Profielen werden opgemaakt, men maakte undercover-reportages en hij werd zelf uitgebreid aan het woord gelaten. Tactiek, wapens en bedoelingen werden ons haarfijn uit de doeken gedaan. Over de invloed van die vele aandacht voor de hooligan op hem en anderen wordt blijkbaar niet nagedacht. Alhoewel reeds jarenlang onderzoek gebeurt naar invloed van onder meer televisiegeweld op het gedrag van jongeren worden in dit geval geen vragen over invloed gesteld. In bepaalde theorieën over beïnvloeding door de media, in dit specifieke geval in verband met politieke berichtgeving, wordt zelfs expliciet gewaarschuwd voor het boemerang-effect : ,,In het algemeen is men er op uit zijn mening te bevestigen. Dat kan een hindernis zijn als je als journalist de bedoeling hebt een lezer of kijker iets bij te brengen, hem op te voeden en tot andere gedachten te brengen, vooroordelen af te bouwen… De lezer is geneigd het gebodene een andere betekenis toe te dichten, al naar gelang deze beter aansluit bij zijn eigen opvattingen’’, aldus Carel H. Jansen in Politiek en dagbladjournalistiek. In het geval van de berichtgeving van de afgelopen weken, verwachtte ik dan ook enige voorzichtigheid. Een anonieme Belgische hooligan op televisie laten verklaren dat Britse supporters uit zijn op wraak voor twee door Turkse supporters vermoorde Arsenal-fans, eerder dit jaar, en daarbij strooptochten door het Brusselse van groepen supporters in het vooruitzicht stellend, is op zijn zachtst uitgedrukt onvoorzichtig te noemen.
Bovendien geldt ook hier opnieuw dat alvast de lat zeer hoog werd gelegd. Een hoge lat kan in dit geval echter een ultieme uitdaging betekenen. Het getatoeëerde motto van één der Chelsea-hooligans uit de undercover-reportage indachtig : ,,Wanneer we goed zijn, herinneren ze ons nooit. Wanneer we slecht zijn, vergeten ze ons nooit’’, moet de wekenlange informatie over de strenge veiligheid en controle een uitdaging zijn om die te kunnen verschalken. Wanneer, zoals de Belgische hooligan ook verklaarde, het zijn hoop is dat de side van Anderlecht van zich kan laten spreken tijdens het toernooi, zijn rellen bijna onvermijdbaar geworden en moeten die bovendien bijzonder spectaculair worden. Het zijn echter slechts voorspellingen.

Media-side

Voorgaande bedenkingen cumuleerden in een klein maar bijzonder veelzeggend feit in de marge van de aanloop naar Euro 2000. Twee dagen voor de aftrap van de openingswedstrijd werden in Brussel drie Britse journalisten van het zondagsblad News of the World in het Brusselse Warandepark door de politie opgepakt met verdachte wapens. Zij fotografeerden er onder meer een kruisboog die zij in Brussel hadden kunnen kopen. De woordvoerster van de krant argumenteerde dat de betreffende journalisten wilden aantonen hoe makkelijk het was om in België, enkele dagen voor het gevreesde Europees kampioenschap, dodelijke wapens aan te schaffen. Indien deze mensen niet bij toeval werden ontdekt, hadden zij de vele lezers van het blad geïnformeerd over het verschrikkelijke wapentuig dat in ons land kan worden aangeschaft. Misschien wel een onontbeerlijke wetenswaardigheid voor de vele gewone lezers maar gezien het tijdstip van de reportage voornamelijk interessant voor eventuele Britse supporters, mét of zonder slechte bedoelingen.
Bovendien zijn bij uitbreiding heel wat andere, even interessante reportages te maken. Zo kan met een aantal doodgewone alledaagse spullen, ‘vrij verkoopbaar in België’, perfect een bom worden aangemaakt. Met een foto van de ingrediënten uitgestald in een Brussels park en een korte beschrijving van het recept, schiet iedereen al een heel eind op. En waarom niet dadelijk, om het ultieme aan te tonen, namelijk dat rellen wel degelijk mogelijk blijven, een media-side opgericht, bestaande uit alle ongeveer 2000 aanwezige journalisten, al dan niet undercover, die de finalewedstrijd grondig verstoren ? Hadden we het niet voorspeld?

Samenleving & Politiek, Jaargang 7, 2000, nr. 6 (juni), pagina 1 tot 2