Abonneer Log in

Geen hink-stap-sprongen, maar echte sprongen voorwaarts in 2008

nieuwjaarsbrief

Samenleving & Politiek, Jaargang 15, 2008, nr. 1 (januari), pagina 19 tot 21

Als ACV houden we onze wensen voor 2008 realistisch, met de beide voeten op de grond. Daarvoor zijn we ook een vakbond. Als we in een aantal hangende dossiers rond economie, arbeidsmarkt en onderwijs in 2008 geen hink-stap-sprongen, zoals het voorbije jaar, maar echte sprongen voorwaarts maken dan zullen we begin 2009 tevreden terugblikken. We overlopen hierbij ons lijstje met nieuwjaarswensen.

Grijs-groene werkvloer

We steken het niet onder stoelen of banken maar de sociale verkiezingen van 2008 zijn belangrijk voor het ACV. We wensen die dan ook te winnen. Wat we vanaf 2008 willen overwinnen, is het doemdenken rond ontgroening en vergrijzing. Vanaf volgend jaar reeds zijn er voor het eerst minder jongeren aan het werk dan ouderen. De instroom van jonge werkzoekenden zal in de volgende jaren steeds minder volstaan om het vertrek van oudere werknemers op te vangen. Het wordt een zeer grote uitdaging om de komende vijf à tien jaar het aantal oudere vertrekkers (dat naargelang de sector oploopt tot 10 à 20% van het personeelsbestand) te vervangen. Wir haben es nicht gewusst kan nooit meer een excuus zijn, ook niet rond dit gegeven. Nu moet er worden gehandeld. Om de vervanging van oudere werknemers door jongere werknemers vlot te laten lopen, moet elk bedrijf een beleid ontwikkelen waarbij jongeren in hun (startende) loopbaan werken en verdere continue kwalificering kunnen combineren. Een beleid dat ook ouderen aanspoort via mentorschap in een uitgroeibaan de verworven kwalificaties, als ware het een estafettestokje, door te geven. Strijdvaardige ‘HR’ slogans als war for talents en the battle for brains maken dan plaats voor continue investeringen in talentontwikkeling. Een individueel recht op (levenslang) leren, vlot toegankelijk (volwassenen)onderwijs, maar ook ‘leersabbaticals’ zijn instrumenten die in de nabije toekomst zouden moeten worden gerealiseerd. Ook voldoende degelijke, via een label gecertificeerde werkplekken om lerend te werken en werkend te leren en een volwaardig sociaal overleg staan op onze verlanglijst.

De animatiefilm Ratatouille stelt het beeldscherp: zelfs in een grijze straatrat kan talent verscholen zitten. Het talent op spoor en tot ontwikkeling laten komen, daar komt het op aan. Wat talentontwikkeling betreft, is er ondanks alle inspanningen nog heel wat werk aan de winkel.
In het nieuwe Jeugdwerkplan dat vanaf 2008 start, moet voor ACV alle aandacht gaan naar een zo gediversifieerd mogelijke aanpak. Ingaan op een vacature kan voor sommigen de talenttrigger zijn, anderen zijn meer gebaat met werkplekervaring via een stage of IBO (individuele beroepsopleiding in de onderneming), of hebben nood aan een begeleid parcours met verschillende trainings- en scholingsmomenten. Nog anderen hebben eerst nood aan meer zicht op en inzicht in zichzelf. Deze jongeren eerst via allerlei jobaanbiedingen de woestijn insturen heeft geen zin. Het motto voor een succesvol Jeugdwerkplan lijkt dan ook: een vacature waar het kan, een vleugje dieptepsychologie waar het moet en een opleiding waardoor kansen worden vergroot.
Verder willen we dat de acties, onder sociale partners afgesproken in het kader van de Competentieagenda en vastgelegd in concrete engagementen met de Vlaamse regering en de Vlaamse onderwijskoepels, ook worden uitgevoerd.

Kleurrijke werkvloer

In het komende jaar móeten er absoluut stappen vooruit gezet worden op het vlak van evenredige arbeidsdeelname van kansengroepen op de arbeidsmarkt, en meer in het bijzonder van kortgeschoolden en allochtonen. Onze basisfilosofie blijft dat iedereen kansen moet krijgen op een volwaardig en werkbaar werk en iedereen van de economische welvaart in Vlaanderen moet kunnen genieten. Werkgevers klagen vandaag over een tekort aan arbeidskrachten en kijken al lonkend naar de potentiële arbeidsreserve uit de nieuwe Europese lidstaten. Terwijl er onder hun neus een leger van werkzoekenden staat te dringen om zichzelf te kunnen bewijzen op de arbeidsmarkt. Als ze er maar de kans toe kregen. De werkloosheidsgraad van kansengroepen is de afgelopen jaren niet substantieel gedaald. Integendeel, voor kortgeschoolden is ze zelfs gestegen. De werkloosheid bij allochtonen van niet-Europese origine ligt met 25% nog altijd een stuk hoger dan bij Vlamingen met de Belgische nationaliteit (4,6%). Ook de werkzaamheidsgraad van deze doelgroepen ligt nog heel wat lager dan die van de gemiddelde Vlaming. Allochtone werkzoekenden, zowel laag- als hooggeschoold, blijven oververtegenwoordigd in de werkloosheidsstatistieken. Ze plukken niet in dezelfde mate als autochtone werkzoekenden de vruchten van de algemene daling van de werkloosheid. En bij een verslechtering van de conjunctuur zitten zij steevast in de hoek waar de zwaarste klappen vallen.

Vlaanderen heeft met de diversiteitsplannen reeds hefbomen om een volwaardig diversiteitsbeleid in de onderneming te voeren. Jammer genoeg worden de resultaten van dat beleid vooral afgemeten aan het aantal afgesloten plannen en niet aan de kwaliteit ervan. Het lijkt erop dat de diversiteitsplannen voor sommige bedrijven eerder een schaamlapje vormen om subsidies voor hun eigen personeelsbeleid binnen te rijven. De strijd tegen de discriminatie op de arbeidsmarkt moet op korte termijn fors opgedreven worden. We denken daarbij stilaan ook aan afspraken over ‘slimme’ streefcijfers voor de aanwerving van kansengroepen op niveau van de onderneming of van de sectoren. Er moet tevens veel meer aandacht uit gaan naar het wegwerken van de ongekwalificeerde uitstroom uit het onderwijs bij jongeren van allochtone afkomst. Met de andere sociale partners willen we hierover alvast het debat aangaan.

Vlaanderen meer In Actie voor realisatie Pact van Vilvoorde

Het jaar 2008 wordt het jaar van de waarheid voor de Vlaamse regering. In 2009 zijn er de volgende Vlaamse verkiezingen. De ervaring leert dat de maanden voor de verkiezingen niet direct garant staan voor degelijk en krachtdadig bestuur, iets wat door deze regering nochtans hoog in het vaandel wordt gevoerd.

Hoogdringend tijd dus om in actie te schieten, want er is nog heel wat werk aan de winkel. Voor het Vlaams ACV betekent dat in de eerste plaats dat de regering haar beleid toespitst op de realisatie van de doelstellingen van het Pact van Vilvoorde. Voor ons blijft het Pact hét referentiepunt om het gevoerde beleid in Vlaanderen te beoordelen. Eenentwintig concrete en meetbare doelstellingen, in 2001 afgesproken tussen de sociale partners, de milieubeweging en de Vlaamse regering, om Vlaanderen tegen 2010 tot een Europese topregio uit te bouwen op sociaal, economisch en ecologisch gebied. Uit het jaarlijkse monitoringsrapport blijkt echter dat Vlaanderen op diverse terreinen nog heel wat inspanningen moet leveren om de vooropgestelde doelstellingen te behalen. Voor sommige van de doelstellingen, zoals de halvering van het aantal schoolverlaters zonder diploma of investeringen in onderzoek en ontwikkeling, werd de achterstand zelfs nog groter!

Tijdens de laatste maanden van het afgelopen jaar blies de Vlaamse minister-president Kris Peeters het plan Vlaanderen in Actie (VIA), dat door zijn voorganger werd gelanceerd, nieuw leven in. Vlaanderen in Actie omvat een uitgebreid en divers pakket aan maatregelen op sociaaleconomisch vlak die de Vlaamse regering wil realiseren of alleszins nog in gang wil zetten vóór het einde van de legislatuur in juni 2009. Met de klemtoon op competentie-ontwikkeling, innovatie, logistiek, goed overheidsbestuur, duurzame ontwikkeling en de internationalisering van Vlaanderen. Meer en meer lijkt het erop dat de Vlaamse regering haar toekomststrategie wil ophangen aan VIA en zichzelf bij het einde van de legislatuur eerder daarop zal evalueren dan op het bereiken van de ambitieuze doelstellingen van het Pact van Vilvoorde. Het ACV pleit er daarom voor dat in het komende anderhalf jaar de regering bij de uitwerking van het beleid nauwer de band legt met het Pact van Vilvoorde, en VIA in die richting dan ook bijstuurt. De kracht van het Pact blijft immers dat het het enige beleidsdocument in Vlaanderen is dat zo’n breed maatschappelijk draagvlak heeft en een evenwicht nastreeft tussen zowel sociale, economische als ecologische doelstellingen.

Ondertussen stellen we vast dat de beleidsagenda rond duurzame ontwikkeling steeds meer ondergesneeuwd geraakt door het streven om van Vlaanderen de economische topregio in Europa te maken. In 2008 moet de regering op zijn minst opnieuw ernstig werk maken van haar strategie duurzame ontwikkeling en ervoor zorgen dat duurzaamheid een doelstelling wordt op alle terreinen van haar beleid. We verwachten eveneens dat de regering tijdens de komende maanden een nieuwe dynamiek geeft aan het overleg met de sociale partners en de sectoren over een toekomstgericht industrieel beleid voor Vlaanderen dat in staat is om de werkgelegenheid in Vlaanderen te verankeren.
Jobcreatie alleen volstaat echter niet. De antwoorden die het Vlaamse actieplan biedt op belangrijke maatschappelijke problemen zoals stijgende armoede, bestaans-onzekerheid en sociale uitsluiting zijn voor ons absoluut nog ontoereikend. De Vlaamse regering moet - en de financiële situatie laat dit toe - voldoende beleidsruimte creëren om het hoofd te bieden aan de toenemende zorgbehoeften en de financiering van de zorgverzekering, om voldoende plaatsen in de kinderopvang en de sociale economie te voorzien en om de uitdagingen op het vlak van betaalbare huisvesting en energie aan te gaan. Voor het ACV geen Vlaanderen in Actie zonder een zorgzaam Vlaanderen.

Het jaar 2008 is begonnen. De lat ligt hoog en de nog resterende afstand is kort. Onze afsprong zal voldoende krachtig moeten zijn als we kans willen maken op een podiumplaats. En dat wensen we iedereen in Vlaanderen toe.

Ilse Dielen
Nationaal Secretaris ACV

Pact van Vilvoorde

Samenleving & Politiek, Jaargang 15, 2008, nr. 1 (januari), pagina 19 tot 21