Log in

Listen Liberal

Samenleving & Politiek, Jaargang 25, 2018, nr. 8 (oktober), pagina 72 tot 74

Listen Liberal

Thomas Frank
Scribe Publications, Londen, 2016

In zijn uitstekende boek Listen Liberal. Or, What Ever Happened to the Party of the People? betoogt de Amerikaanse historicus en journalist, Thomas Frank, dat de Democratische Partij de laatste decennia is geëvolueerd naar de partij van de 'professionele klasse' en hoogopgeleide tweeverdieners, vooral aan de oost- en westkust, die weinig last hebben van de economische harde tijden. De partij is de arbeidersklasse, de 'blue-collar worker', vergeten. Deze verschuiving naar de rechterzijde mondde in 2016 uit in een expliciete electorale strategie. Senator Chuck Schumer, één van de belangrijkste Democratische leiders, zei dat de Democraten 'voor elke verloren arbeider uit Western Pennsylvania twee Republikeinse stemmen uit de voorsteden van Philadelphia zouden oppikken'. Op de ochtend na de presidentsverkiezingen van 8 november 2016 werd de wereld geconfronteerd met het resultaat van deze optimistische strategie: Donald Trump president.

Eind september keurde de Amerikaanse Senaat een wetsvoorstel goed dat de militaire begroting voor 2019 naar 717 miljard dollar brengt. Wie denkt dat dit parlementair vuurwerk heeft opgeleverd, vergist zich. De Defense Appropriations Bill werd met overweldigende meerderheid (93 tegen 7) goedgekeurd. Opvallend was de unanieme goedkeuring door de Democraten in de Senaat. Zes Republikeinen en onafhankelijk senator Bernie Sanders stemden tegen. Alle Democraten stemden voor de extra militaire uitgaven. Maken zij dan geen deel uit van het verzet tegen president Trump?
De realiteit is dat de Democraten enkel lippendienst bewijzen aan 'The Resistance', terwijl ze in bijna alle belangrijke dossiers op dezelfde lijn staan als de Republikeinen. In kwesties van oorlog en vrede stellen de Democraten zich zelfs nog militaristischer op. Onder de voor-stemmers zitten een hele reeks zogenaamde 'presidential hopefuls' voor 2020: Cory Booker (New Jersey), Kamala Harris (California), Chris Murphy (Connecticut), Kirsten Gillibrand (New York) en Elizabeth Warren (Massachusetts).
Eerst vergat de Democratische Partij de werkmens, zoals Thomas Frank betoogt, nu laat ze ook de schijn los een rol te willen spelen op vlak van internationale mensenrechten en vrede. Deze combinatie zal de partij totaal irrelevant maken. Een 'blue wave' – een overname van het Amerikaanse Congres door een meerderheid van Democraten bij de tussentijdse verkiezingen in november – wordt in het slechtste geval zeer onwaarschijnlijk en in het beste geval compleet waardeloos. Democraten die stemmen als Republikeinen zetten immers geen zoden aan de dijk. Dit vergroot de kansen van rechtse demagogen om hun macht in Washington te verstevigen.

De partij van JFK lijkt te strijden voor de titel van onbetwistbare oorlogspartij. Hiervoor liggen drie elementen aan de basis.
Ten eerste zoeken partijbonzen de steun op van oorlogsmisdadigers, onder het mom van pragmatiek over de partijgrenzen heen. Hillary Clinton schepte op over de steun van Henry Kissinger in de aanloop naar de presidentsverkiezingen van 2016. Kissinger was, als adviseur van president Nixon en later als minister van Buitenlandse Zaken, mede verantwoordelijk voor de dood van miljoenen burgers in Zuid-Oost-Azië en voor de gevolgen van chemische oorlogsvoering in de regio. Steun van dergelijke figuren zou in de sterkst mogelijke bewoordingen van de hand moeten worden gewezen. Helaas.
Ten tweede is er in het Trump-tijdperk een soort witwaspraktijk aan de gang voor iedereen die in het verleden voorstander was van de catastrofale oorlogen in het Midden-Oosten. Het maakt niet uit hoeveel oorlogsmisdaden je op je geweten hebt, als je tegen Trump bent, dan hoor je bij de 'goeden'. David Frum, uitvinder van de term 'Axis of Evil' en speechschrijver voor George W. Bush, is tegenwoordig een graag geziene gast in de mainstream media. De onlangs overleden senator, ex-presidentskandidaat en oorlogsstoker John McCain werd in de media zo overladen met lof dat het ronduit gênant werd. Eén van de meest tenenkrullende illustraties van de normalisering van oorlogsmisdadigers zagen we toen Ellen Degeneres, een zogenaamd links boegbeeld van de Amerikaanse westkust en talkshow host, een dansje placeerde met George W. Bush.
Ten derde is er de meest Amerikaanse der pathologieën: het geloof in de intrinsieke goedheid van Amerikaanse machthebbers en van Amerikaanse buitenlandpolitiek, ongeacht wie er in het Witte Huis of in het Congres zit. Beter bekend als 'American exceptionalism'.

De Democratische steun voor de militaristische consensus – nu geïllustreerd door de unanieme goedkeuring van een astronomisch defensiebudget – maakt zinvolle oppositie onmogelijk. In plaats daarvan steekt de Democratische Partij president Trump langs rechts voorbij. Zo wil 'The Resistance' dat Trump zich nóg harder opstelt tegenover Rusland. Dat Trump al een hele reeks maatregelen nam, bijvoorbeeld in Oekraïne, die de Russische president Vladimir Poetin zwaar tegen de borst stootten, doet daar voor hen niets aan af. Dat hierdoor een nucleaire confrontatie met Rusland enkel groter wordt, lijkt de zogenaamde Liberals weinig zorgen te baren.
Toen Donald Trump besliste om raketten af te vuren op Syrië, als vergelding voor een vermeende chemische aanval en zonder enig onderzoek af te wachten, werd hij vanuit beide partijen en vanuit de media overladen met lof. Hillary Clinton vond zelfs dat Trump nog enkele stappen verder moest gaan: zij verdedigde verdere bombardementen op Syrische luchtmachtbasissen.
Korea was één van de weinige internationale theaters waar Trump wél een zinvolle rol leek te spelen (die rol lijkt vandaag uitgespeeld omdat beide Korea's tot de conclusie zijn gekomen dat ze beter bilateraal, en dus zonder de VS, vooruitgang kunnen boeken). Dialoog is immers altijd beter dan wapengekletter. Met hun kritiek op de Trump-Kim-top in Singapore – als zou de Amerikaanse president cadeaus hebben weggegeven – scharen de Democraten zich volmondig achter de grootste oorlogsstokers in de Amerikaanse regering die er alles aan doen eventuele vredesgesprekken te torpederen. Zogenaamd progressieve mediapersoonlijkheden zagen hierin zelfs een groot Russisch complot.

Nochtans is zinvolle oppositie tegen Trump en zijn achteruitgangsagenda mogelijk. Het beste medicijn tegen een rechtse demagoog is een 'linkse populist'. Daarmee bedoelen we iemand die gaat voor een beleid dat door het establishment als dwaasheid wordt bestempeld, maar eigenlijk economisch zeer coherent is en ook op brede maatschappelijke steun kan rekenen. Polls tonen aan dat een linkse 'populistische' agenda erin slaagt het electoraat te enthousiasmeren. Bijna 8 op de 10 Amerikanen zijn voor strengere regels voor financiële instellingen, die de wereld tien jaar geleden in een diepe crisis hebben gestort. Meer dan de helft vindt dat de federale overheid werkzoekenden aan een baan moet helpen. Zo'n 70% van de Amerikanen is voorstander van universele gezondheidszorg, het 'Medicare for All' waarmee Bernie Sanders campagne voert. Dit geldt zelfs voor een meerderheid van Republikeinen (52%). Dit soort progressief platform is maar mogelijk als de middelen die vandaag naar het militair-industrieel complex worden gesluisd, anders worden aangewend. Helaas maakt de oppositie hier voorlopig geen punt van.

Economische rechtvaardigheid en verzet tegen de militaristische consensus, hebben geen plaats in de Democratische Partij zoals we die vandaag kennen. In de plaats daarvan staan identiteitspolitiek en een grote zorg voor etiquette centraal. Gelijke rechten voor homoseksuelen, maar hen geen job aanbieden. Vrouwenrechten verdedigen, maar tegelijkertijd bommen blijven gooien die vooral op de hoofden van vrouwen en kinderen terechtkomen. Het over de hele lijn eens zijn met Trumps beleid, maar hier en daar een kritische noot uiten over zijn gemene tweets. Deze vorm van politiek bedrijven levert misschien wel een endorsement op van Katy Perry, Beyoncé of andere celebrities. Maar je wint er geen verkiezingen mee. Zolang de Democratische Partij het werkvolk in de vergeetput laat en meegaat in het nationalistisch oorlogsdiscours, bewijst het haar eigen irrelevantie. Dit belooft weinig goeds voor de tussentijdse verkiezingen in november.

Samenleving & Politiek, Jaargang 25, 2018, nr. 8 (oktober), pagina 72 tot 74