Log in

Hoe Latijns-Amerika deel werd van de wereld

Samenleving & Politiek, Jaargang 25, 2018, nr. 10 (december), pagina 25 tot 31

Wat Latijns-Amerika sinds 1998 doormaakte, was een rariteit, een unicum. De wereld veranderde, maar Latijns-Amerika bleef links. Die anomalie is vandaag ongedaan gemaakt. De verkoop van Che Guevara t-shirts stokt er. Latijns-Amerika werd deel van de wereld, en die is momenteel (extreem)rechts, maar zonder groot verhaal, zonder grote toekomst.

DE WERELD

Hoe Latijns-Amerika deel werd van de wereld
David Verstockt
De Chinese veroveringstocht
Bruno Merlevede
De escalatie van de Saoedisch-Iraanse strijd
Ludo De Brabander

De pink tide van weleer in Latijns-Amerika is niet meer, hoogstens kunnen we nog spreken van enkele rode eilandjes in een diepblauwe zee. De progressieve rampspoed in vogelvlucht: Ecuador stapte onder president Moreno uit de Alianza Bolivariana para los Pueblos de Nuestra América (ALBA), Argentinië ligt met Macri opnieuw aan het IMF-infuus, oligarch Temer wordt in Brazilië in januari 2019 afgelost door ultraconservatief en fascist Bolsonaro, in Chili kwam in 2017 conservatief en miljonair Piñera opnieuw aan de macht, Venezuela sleept zich onder Maduro van crisis tot crisis, in Uruguay leidt rechtse presidentskandidaat Lacalle Pou in de peilingen, Paraguay stemt sinds de staatsgreep van 2012 rechts, doorgeslagen christen-socialist Daniel Ortega heeft na de honderden doden alle ´links´ krediet verloren, en het revolutionaire Frente in El Salvador verliest in 2019 gegarandeerd de verkiezingen. Progressief Latijns-Amerika heeft, met andere woorden, betere dagen gekend. Boliviaans president Morales houdt voorlopig nog stand. López Obrador, beter gekend als AMLO, in Mexico is een links baken in donkere tijden.

DE RECHTSE OMSLAG

Om het plaatje volledig te maken mogen we Peru en Colombia niet vergeten. Nooit echt gesurfd op de progressieve golf, maar steeds trouw gebleven aan neoliberale en rechtse politici. De antivredesakkoordcoalitie van Duque in Colombia haalde het in de verkiezingen van 2018, en in Peru zwaait de maffia van Fujimori nog steeds de plak (ook al kreeg dochter Keiko recent 3 jaar voorarrest). Latijns-Amerika kiest (extreem)rechts, dat is duidelijk. De redenen voor die continentale ommekeer verschillen van land tot land, maar toch zijn enkele parallellen te trekken.

1. De anti-stem

'We zijn de PT (arbeiderspartij van Lula) kotsbeu!', veel van de Brazilianen die ik sprak gaven dit als antwoord op de vraag waarom ze Bolsonaro stemden. De tegenstem bracht Bolsonaro aan de macht. Pablo Stefanoni, hoofdredacteur van elektronisch links dagblad Nuevo Sociedad, noemt dit het ´antiprogresismo´. 'De linkse partijen moeten in eigen boezem kijken. Na jaren aan de macht transformeerden veel progressieve partijen van volksmennende, lokaal verankerde structuren tot stugge, machtsgeile partijen. Hun partijcultuur werd traditioneel. Kijk naar Brazilië: de arbeiderspartij van Lula verloor heel wat stemmen in de industriesteden waar ze traditioneel sterk stond. Ze won echter stemmen in het Nordeste, daar waar ze een veel minder militante basis heeft, waar mensen niet op straat kwamen toen Lula werd gevangengezet. De partij PT werd Lulismo, en daar verloor ze haar basis', aldus Stefanoni. 'Haar discours werd repetitief, over nationaliseringen, over dekolonisatie, ... Hetzelfde discours als 15 jaar geleden. Dat worden mensen moe.'

Rechtse presidentskandidaten wakkerden het anti-vuur stevig aan. De retoriek van rechts hamerde op corruptie, en dan vooral bij openbare aanbestedingen. Argentijns president Macri, zelf ondernemer die zijn fortuin maakte met tal van openbare opdrachten, stoelde zijn campagne op zijn anticorruptieboodschap. 'En de correlatie was eenvoudig: alle problemen van Argentinië zijn een gevolg van de corrupte linksen die openbare aanbestedingen verloten aan hun vriendjes. Als we de corruptie aanpakken, dan komt het wel goed met het land', aldus Stefanoni. Het linkse antwoord op de corruptieretoriek van Argentijns, Braziliaans, Ecuadoraans, ... rechts was gewoonweg zwak. Ze spraken over ´ethiek in publieke middens´, taal die hoogopgeleide ngo-medewerkers gebruiken maar die niemand aansprak. Midden alle rechtse verkiezingsretoriek over linkse corruptie kwam in april 2018 de Grupo de Lima samen in Peru. Een alliantie van 14 landen die zich en masse tegen Venezuela keerde en samen de strijd tegen corruptie als prioriteit nummer 1 verklaarde. Het staatshoofd dat de vergadering moest leiden, zakenman en centrumrechts Peruaans president Pedro Pablo Kuczynski, nam drie weken voordien ontslag wegens zijn betrokkenheid in corruptieschandelen. Corruptie was en is rechts en links, maar het is steeds de schuld van de sossen.

Een ander deel van de anti-stem komt van puriteins links zelf. Ontgoocheld in de pragmatiek van de progressieve regeringen, keerde ze zich af en ging ze radicaal in oppositie. Ecologisten die de op export gebaseerde grondstoffeneconomie van de progressieve regeringen hekelden, economisten die zich stoorden aan het uitblijven van een progressief belastingbeleid, inheemse volkeren die hun grondgebied verloren aan grote mijnbouw- en infrastructuurprojecten, kleine boeren die de allianties van links met grote agroindustriëlen met lede ogen aanzagen, studenten die geen verbetering zagen in het openbaar onderwijs, ... dat allemaal ondanks die progressieve regering aan de macht. Consensus staat niet in het revolutionaire woordenboek.

2. De evangelische machtsgreep

Een tweede element dat de rechtse omslag verklaart, zijn de succesvolle maar simplistische verkiezingscampagnes van (extreem)rechts. De progressieve regeringen hadden het over ongelijkheid en gini-coëfficiënten, wrongen zich in allerlei bochten om hun extractivistische politiek te verantwoorden, en hamerden daarnaast ook op het belang van regionale integratie. Afgezaagd en te moeilijk. (Extreem)rechts hamerde op identiteit en veiligheid, en dat miste zijn effect niet.

Een stevig gefinancierde Whatsapp-campagne van Messias, zijn tweede naam, Bolsonaro waarschuwde het volk dat Fernando Haddad (de presidentskandidaat voor PT) kerken zou sluiten en scholen zou verplichten leerboeken te gebruiken die de kinderen homo zou maken. Een lepe truc die Haddad al tijdens zijn ambt als minister van Onderwijs zou hebben gebruikt. Uit een enquête van Datafolha blijkt dat de aanhangers van Bolsonaro dubbel zoveel politieke propaganda hebben verspreid op sociale media, in vergelijking met de aanhangers van Haddad. Fake news op massale schaal, met de nodige impact. Gelijkaardige campagnes zagen we in Peru, Ecuador, Bolivia, ... ´Con mis hijos no te metas´ ['Van mijn kinderen blijf je af'] weerklonk in tal van Latijns-Amerikaanse hoofdsteden. De te wantrouwen staat wil de kinderen vanop de schoolbanken indoctrineren met homopropaganda. Uit een studie van het Centro Estratégico Latinoamericano de Geopolítica (CELAG) blijkt dat de evangelische beweging steeds meer haar politieke gewicht in Latijns-Amerika uitspeelt door haar bijzonder invloedrijke communicatienetwerk (televisiekanalen, sociale media, radiostations,...) ter beschikking te stellen aan extreemrechts.

Het evangelische front in het Braziliaanse congres, dat onder Bolsonaro sterk groeide, bidt en zingt iedere woensdagochtend in de plenaire zaal van het congres, territorium afbakenen zeg maar. Zo'n 70% van de evangelische Brazilianen stemde op Bolsonaro, in vergelijking met de 50% van de katholieke Brazilianen. De invloed van de evangelische beweging groeit. In 2016 riep ze op om tegen het Colombiaanse vredesakkoord te stemmen tijdens de volksraadpleging omdat de LGBTQ-rechten er in vermeld werden. De eerste evangelische partij in de Boliviaanse geschiedenis heeft zich geregistreerd voor de verkiezingen van 2019. In Mexico en Peru hebben de evangelisten mee de antiLGBTQprotesten georganiseerd. In Guatemala werd Jimmy Morales president, een komiek maar ook een evangelisch theoreticus. Heel wat analisten zijn het eens dat de evangelische groeperingen binnen het Braziliaanse congres mee de val van Dilma hebben georkestreerd. En ga zo maar door. Een sociaaleconomisch presidentsdebat wordt overbodig als een grote groep rabiaat kiest voor religieuze symbolen en de Heilige Strijd tegen alles wat afwijkt van de heteroseksuele, evangelische norm.

3. Het Venezuela-effect

'Venezuela is een godsgeschenk voor zowel rechts als extreemrechts', aldus Venezolaans arts Oscar Feo. 'Het is een land in oorlog; de hyperinflatie en de massale exodus zijn daarvan het beste bewijs. De oorzaken zijn niet belangrijk.' Venezuela is ondertussen een argument dat iedereen gebruikt. 'Voor rechts is het duidelijk. Het is als het ware het tweede voorbeeld dat socialisme niet werkt, na de Sovjet-Unie. En dat is heel handig politiek marketingmateriaal', zegt hoofdredacteur Stefanoni. Venezuela is gewoonweg niet te verdedigen, en dat weet iedere rechtse spindoctor maar al te goed. 'Links presidentskandidaat Petro distantieerde zich tijdens de Colombiaanse presidentsverkiezingen in 2018 volledig van Venezuela maar werd er keer op keer op aangesproken. Macri waarschuwde dat Argentinië een tweede Venezuela zou worden als links verder zou regeren. Ondertussen hangt Argentinië terug aan het IMF-infuus, dat terwijl Kirchner heel wat IMF-schulden had afbetaald. In Chili hetzelfde verhaal: Piñera gebruikte het Venezuela-argument elke keer wanneer hij de kans kreeg. Nochtans is de socio-economische situatie in Chili helemaal niet te vergelijken met Venezuela', zegt Stefanoni. Carlos Mesa, de belangrijkste uitdager van Morales tijdens de Boliviaanse presidentsverkiezingen in 2019, speelt hetzelfde spel.

Het is een vreemde hersenspinsel, want geen enkele (extreem)rechtse politicus moet zich ooit verantwoorden voor de wandaden van andere rechtse politici. Macri houdt zich niet verantwoordelijk voor de zoveelste Colombiaanse mensenrechtenverdediger die wordt vermoord. Duque houdt zich niet verantwoordelijk voor de massale ongelijkheid, geweld en corruptie tijdens jarenlang rechts beleid in Mexico. Maar Venezuela, daar is ieder links georiënteerd mens mee voor verantwoordelijk. Het maakte elk debat onmogelijk.

EN DE GROTE WINNAARS ZIJN… JA, WIE EIGENLIJK?

En dat is het net het bizarre van de zaak: wie zijn nu de grote winnaars van de rechtse golf in Latijns-Amerika? Een voor de hand liggende vraag, maar zonder duidelijk antwoord. De progressieve regeringen in Latijns-Amerika waren nooit anti-bourgeois, anti-elite. Het waren stuk voor stuk pragmatische regeringen die sociale correcties hebben doorgevoerd, de openbare diensten versterkt en de ongelijkheid teruggedrongen. Ze hanteerden een revolutionair discours, maar revolutionair waren ze niet.

Een radicale rechtse ommekeer was niet nodig om het investerings- en bedrijfsklimaat gunstiger te maken. Onder Evo Morales boerde de Boliviaanse agroindustrie nog nooit zo goed. De Boliviaanse suikerindustrie boekt in 2018 historische recordwinsten. Ook Rafael Correa legde geen strobreed in de weg voor buitenlandse oliebedrijven. Kirchner heeft in Argentinië geen grote nationaliseringen georganiseerd. Integendeel, onder Kirchner liep de economie als een trein; slechts de laatste twee jaar (ze regeerde tot 2015) daalde de economische groei en steeg de inflatie licht. 'Bedrijfsleiders die toen massaal Macri steunden, hebben nu spijt', zegt Stefanoni. Naast enkele grote sojabedrijven, oliemaatschappijen en misschien wel de financiële sector, is het niet meteen eenvoudig aan te duiden welke economische groepen de grote winnaars zullen zijn.

Met de rechtse golf hebben de elites van toen en nu terug eigen mensen in de regering. 'Misschien is het dat wel. Meer dan een gunstiger economische omgeving, was het een klassezaak. Het populisme was een anomalie. Het voelde niet juist dat de elites plots geen mannetje meer in de regering hadden zitten. Dat de regering bevolkt werd door mensen met inheemse roots, vrijzinnige vrouwen, enzovoort. Dat moest worden hersteld', klinkt de analyse van Stefanoni. De rechtse ommekeer was vooral een esthetische zaak.

ALS LOS ZAND

De Alianza Bolivariana para los Pueblos de Nuestra América (ALBA) was een prima idee. Een regionale, progressieve vuist tegen de achtertuinpolitiek van de Verenigde Staten. Eerlijke, regionale handel in plaats van ongelijkheid producerende vrijhandelsverdragen opgedrongen vanuit de westerse en geïndustrialiseerde wereld. Maar van de grond kwam het nooit. Argentinië werd nooit lid, economisch stelde het niet veel voor (Bolivia en Nicaragua hebben bijvoorbeeld weinig economische gedeelde belangen), en Cubaanse artsen vind je overal in de wereld, daarvoor had je een ALBA-lidkaart niet nodig. Maar symbolisch was het enorm belangrijk. Ecuadoraans president Moreno verliet ALBA in 2018. Meer zelfs, hij vroeg midden 2018 officieel lidmaatschap aan bij de Alianza del Pacífico, een rechtse ideologische vrijhandelsgroep met Peru, Colombia, Chili en Mexico.

In september 2018 kende het gloednieuwe UNASUR-parlement nabij Cochabamba, Bolivia, een troosteloze opening. Colombiaans president Duque stapte een maand eerder uit de UNASUR omdat hij 'de stilzwijgende medeplichtigheid met de brutale handelingen van de Venezolaanse dictatuur' niet langer kon verdragen. Begin 2018 hadden Brazilië, Argentinië, Peru, Chili en Paraguay aangekondigd hun participatie in de UNASUR on hold te zetten omwille van het malfunctioneren van de organisatie. De UNASUR, die een meer politieke en diplomatieke integratie vooropstelde, was vooral een middel voor Brazilië om zijn politieke invloed in de regio en daarbuiten te vergroten. Dat politieke leiderschap verdween met Lula, die zich onder meer naar voren schoof als bemiddelaar in het Midden-Oosten. Boliviaans president Morales, de progressieve oud-strijder en nog steeds believer in de regionale integratie, opende het UNASUR-parlement enkele maanden geleden. 'Het gebouw kan ook dienen als feestzaal voor afstudeerfeestjes of huwelijken', zei hij. Pijnlijk.

Het enige wat zal overblijven is de MERCOSUR, een vrijhandelsblok met een aantal vaste als geassocieerde leden. Ook al zei Bolsonaro geen voorkeur te geven aan de MERCOSUR, en zich vooral te willen richten op de Verenigde Staten, zal het blok de rechtse storm overleven in een lightversie. Na Uruguay lijdt het blok nu ook onder de kritische stem van grootmacht Brazilië. Macri droomde al van een MERCOSUR-EU handelsovereenkomst, maar zag zijn dromen gedwarsboomd door ongeleid projectiel Bolsonaro. Dat dit het enige van alle integratie-experimenten zal zijn dat overleeft, is emblematisch. MERCOSUR werd in 1991 opgericht, in volle neoliberale tijdperk.

DE EEUWIGE FUKUYAMA

Volgens Boliviaans vicepresident en links theoreticus, García Linera, hoeven we de rechtse golf niet te vrezen. 'Wat we nu zien in Latijns-Amerika is verontrustend, maar dit is niet het einde van de progressieve geschiedenis zoals sommigen beweren. Begin jaren 1990 werd de toekomst geschreven, en die toekomst zou nog meer globalisering en vrijhandel brengen. Er was geen alternatief meer. Dat grote verhaal waarover het establishment het destijds volmondig eens was, is er nu niet. Vandaag hebben we het communistische China en het neoliberale Duitsland die pleiten voor globalisering en vrijhandel. Het ultrakapitalistische Verenigde Staten, daarentegen, kiest het protectionistische pad. Daarnaast heb je de Britten die uit de Europese marktunie stappen, faalt het Trans-Pacific partnership, ... . Waar is het grote verhaal gebleven? De zogenaamde rechtse golf die vandaag het continent overspoelt, is er dan wel eentje zonder groot socio-economisch verhaal, zonder duidelijke richting. En dat leidt tot onzekerheid, maar biedt ook hoop.'

Dat bevestigt ook Pablo Stefanoni: 'Macri is Bolsonaro niet. Macri is de meer klassieke neoliberaal die Argentinië terug op de wereldkaart wou zetten met klassieke rechtse economische recepten, die aansluiting wou vinden met de neoliberale globalisering. Maar die wereld is niet meer, spijtig genoeg voor hem. Bolsonaro hoeft MERCOSUR niet, zei hij onlangs. En dat is een dik probleem voor Macri. Hij wou Argentinië ook bij het liberale Alianza del Pacífico, maar Piñera en consoorten staan niet te springen om de belabberde Argentijnse economie erbij te halen. Een hecht, homogeen rechts blok is er niet. Meer zelfs, de politieke crisis van klassiek links is ook van toepassing op klassiek rechts, dat bewijst Bolsonaro maar al te goed. Ook klassiek rechts doet het niet schitterend.' Dat klassiek rechts niet goed scoort, bewijst dezelfde Macri. In de huidige peilingen verliest Macri een tweede ambtstermijn, ondanks de rechtse ´golf´ op het continent. Ook de Colombiaanse president Duque scoorde bij een peiling in november zeer slecht: maar liefst 74% keurt zijn beleid, 100 dagen nadat hij van start ging, af.

En laten we niet vergeten dat kersvers Mexicaans president López Obrador, ook gekend als AMLO, begin juli 2018 de verkiezingen won met een overweldigende meerderheid, en met een duidelijk links programma. Het tweede grootste land van Latijns-Amerika krijgt op die manier een links anti-establishmentpresident die belooft werk te maken van sociale programma´s op Braziliaanse schoenleest en eist dat 'het volk zal regeren'. Het afschaffen van de bouw van de nieuwe megaluchthaven nabij Mexico-Stad, een erfenis van ex-president Peña Nieto met een prijskaartje van 13 miljard dollar, veroorzaakte een lokale aardbeving voelbaar tot in de Andes. Is Lula 2.0 geboren?

Samenleving & Politiek, Jaargang 25, 2018, nr. 10 (december), pagina 25 tot 31