Abonneer Log in

Privatisering op Vlaamse wijze

Samenleving & Politiek, Jaargang 26, 2019, nr. 9 (november), pagina 12 tot 13

De 'krachtige' overheid van Jambon I heeft vooral 'marktversterkende' ambities.

'Het is onze ambitie dat Vlaanderen een onbetwiste referentie wordt in het Europa van de jaren twintig', zo staat te lezen in het regeerakkoord van Jambon I. De Vlaamse regering stuurt aan op een 'krachtige overheid'. De vraag is echter: om wat juist te doen? Een antwoord op die vraag brengt ons bij een stokpaardje van een welbepaalde regeringspartij: het 'primaat van de politiek'. De beleidsrol van het middenveld is al langer een doorn in het oog van N-VA. De partij grijpt nu haar kans om de teugels strakker in de hand te nemen. Ook voor ons model van publieke dienstverlening heeft dit gevolgen. België kent een traditie van publieke diensten die door de overheid of het gesubsidieerde middenveld worden verzorgd. Publieke diensten waarborgen de rechten van iedereen op zaken zoals huisvesting, onderwijs en zorg. Het zijn domeinen die te belangrijk zijn om aan de markt over te laten.

In het Vlaanderen van Jambon I is er echter geen plaats voor sterke publieke diensten. Met medewerking van CD&V en Open VLD, wil N-VA onze samenleving in een plooi leggen die haaks staat op publieke dienstenwaarden zoals universele gelijkheid en toegankelijkheid. In de kinderbijslag, de zorg en de sociale huisvesting bouwt deze regering drempels in voor nieuwkomers. De overheidsadministraties, de VRT en het middenveld moeten nieuwe besparingen slikken. De deur staat bovendien open voor verregaande marktwerking. Het ontging ook Walter Pauli niet. Volgens hem is 'zo goed als elk aspect van de Vlaamse samenleving potentieel opengesteld aan de markt.' Daarbovenop worden de cultuursector en de VRT voor de kar gespannen van een Vlaams-nationalistische identiteitspolitiek.

Rechttoe rechtaan privatisering lijkt voorlopig niet aan de orde. Net zoals Fidesz in Hongarije zal N-VA nuttige instrumenten voor de natievorming niet te grabbel gooien. Het behoud van publieke diensten in overheidseigendom blijkt vaak ook doeltreffender dan privatisering om marktwerking door te duwen. Wereldwijd opereren veel publieke diensten als verzelfstandigde agentschappen. Ze staan onder politiek toezicht maar handelen – conform de principes van New Public Management – vaak als privébedrijven. Financiële performantie-indicatoren, commerciële prijszetting en uitbesteding vonden zo ingang in de publieke sector. Voor de privésector is verzelfstandiging vaak lucratief. Privébedrijven kunnen winstgevende opdrachten vervullen voor agentschappen zonder zich bloot te stellen aan de financiële risico's die eigen zijn aan het aandeelhouderschap.

In Vlaanderen is De Lijn een extern verzelfstandigd agentschap (EVA) dat ook diensten uitbesteed aan private pachters. Door een mogelijkse deconsolidatie zou De Lijn meer autonomie krijgen om bijvoorbeeld ook met projectontwikkelaars in zee te gaan voor de uitbouw van de infrastructuur. De Vlaamse regering heeft de 'vaste intentie om haar meerderheidsaandeelhouderspositie in De Lijn te behouden'. Het is een formulering die een opening laat voor een gedeeltelijke privatisering. Mits het doorstaan van een performantie-benchmark in 2020 zou De Lijn het kern- en aanvullend net mogen bedienen. Er komt tegen 2023 wel een tendering in één vervoersregio om deze diensten aan de goedkoopste operator toe te kennen. Na een decennium van verlammende besparingen mag De Lijn zich dus aan concurrentie verwachten van een Hansea of Veolia die vandaag al pachter zijn. In het vervoer op maat wil de regering 'privaat collectief vervoer' stimuleren. De regering haalt de mosterd in Zweden waar het streekvervoer al sinds 1985 uitbesteed is. De operationele kost per vervoerde passagier nam er sindsdien echter enorm toe.

Een ander voorbeeld van een EVA is de VDAB. Ze blijft weliswaar de 'werkzaamheids- en loopbaanregisseur' maar mag slechts een actorrol vervullen 'waar andere private of publieke partners een onvoldoende en/of onvoldoende passend aanbod bieden.' Ook hier dus meer speelruimte voor privébedrijven. De regering wil de financiering van alle EVA's koppelen aan kritieke prestatie-indicatoren. 'Slankere' overheidsadministraties moeten zich focussen op kerntaken en het met 1.440 personeelsleden minder stellen. De uitdoving van de vaste benoeming leidt tot willekeur en schaadt de neutraliteit van de dienstverlening.

In de naam van vereenvoudiging en 'het primaat van de politiek' wil de regering een 'afslanking van adviesorganen.' Het toont aan dat New Public Management, machtsvertoon en de beknotting van het middenveld goed samengaan. Dat blijkt ook uit het mediabeleid. Enerzijds moet de VRT 'marktversterkend zijn voor de hele Vlaamse mediasector.' Het betekent onder andere dat de VRT niet mag meedingen naar de uitzendrechten van sportevenementen en geschreven nieuwsteksten voortaan slechts mag gebruiken ter ondersteuning van audiovisuele berichten. Anderzijds moet de VRT 'focussen op het versterken van de Vlaamse identiteit.' De VRT krijgt 'concretere doelstellingen' waarop 'meer nauwgezet zal worden toegezien'.

De 'krachtige' overheid van Jambon I heeft vooral 'marktversterkende' ambities. Deze regering zal de publieke diensten aanwenden als instrument en jachtterrein voor de winsten van de privésector. Daarin ziet men nog steeds dé manier om Vlaanderen te wapenen in de mondiale concurrentieslag. De focus op identiteit onderstut deze concurrentiepolitiek en moet sociale tegenstellingen omsluieren. Een natie die 'voorbereid is op de snel veranderende wereld' vergt immers 'het engagement van iedereen.' Het is aan het progressieve middenveld om een alternatief uit te werken. Het primaat van de politiek schaadt de democratie. De publieke diensten zijn niet van politieke elites. Ze zijn van ons allen. We moeten ze heroveren en inzetten voor sociale vooruitgang. Over de doeleinden en de werkingswijze van de publieke diensten moet een breed debat op gang komen. Wat zijn performante publieke diensten? Democratie houdt in dat wij – werknemers, gebruikers, burgers – dat in samenspraak gaan bepalen.

Samenleving & Politiek, Jaargang 26, 2019, nr. 9 (november), pagina 12 tot 13