Abonneer Log in

Rechtvaardig voor Vlaanderen

Samenleving & Politiek, Jaargang 27, 2020, nr. 3 (maart), pagina 80

N-VA wringt het klimaatvraagstuk in het nationalistische schema van 'Vlaamse transfers' naar Wallonië (en Polen) die 'onze welvaart' ondermijnen.

Zuhal Demir (N-VA) is misnoegd. De Vlaamse Minister van Energie haalde hard uit naar de Green Deal van de Europese Commissie. Eén element uit dit ambitieuze plan voor een koolstofneutrale economie tegen 2050 kreeg de volle lading: het Just Transition Fund. De 68 miljoen euro die België daaruit zou krijgen, dienen immers prioritair naar Henegouwen te gaan. Bovendien stelt Demir dat Vlaanderen ook aan de 2 miljard euro voor Polen een 'financiële kater' zal overhouden. Op Twitter gaf Demir volle gas: 'De Green Deal dreigt een Mean Deal te worden voor Vlaanderen. Dat kan niet de bedoeling zijn van 'rechtvaardige' transitie.' Het is de zoveelste aanval uit Vlaams-nationalistische hoek op een richtinggevende waarde van de Belgische welvaartsstaat en het Europese sociale model: de solidariteit.

Rechtvaardige transitie, zoals geconcipieerd door onder andere de Europese vakbondskoepels, heeft immers tot doel om niémand achter te laten. De decarbonisatie van de economie mag niet ten koste gaan van de werknemers uit sectoren, landen en regio's met een hoge uitstoot. In dit verband is het Just Transition Fund een stap voorwaarts (hoewel veel meer nodig zal zijn dan compensaties en bijscholingen voor de betrokken werknemers).Voor de middelenverdeling houdt men rekening met onder andere het bruto nationaal inkomen en de mate van tewerkstelling in koolstof-intensieve industrieën. Het is rechtvaardig dat armere landen met een overwegend fossiele energievoorziening meer middelen krijgen. Zij kunnen de transitie minder op eigen kracht realiseren dan pakweg Vlaanderen dat kan.

Voor Demir is iets echter slechts 'rechtvaardig' als het rechtstreeks Vlaanderen ten goede komt. N-VA wringt het klimaatvraagstuk zo in het nationalistische schema van 'Vlaamse transfers' naar Wallonië (en Polen) die 'onze welvaart' ondermijnen. Wallonië dreigt van Europa overigens maar de helft van de 68 miljoen euro te krijgen doordat Vlaanderen haar uitstoot tegen 2050 maar met 85% wil reduceren. Bij N-VA beschouwen ze dat vast als een bonus van hun 'klimaatrealisme'. Ondertussen grossiert Vlaanderen in transfers naar energieverslindende multinationals. In 2020 krijgen de vijf meest vervuilende bedrijven (waaronder Total en ExxonMobil) van Demir zowat 25 miljoen euro. Het is opnieuw een voorbeeld van hoe de Vlaamse regering overheidsmiddelen versluist naar de koffers van het bedrijfsleven.

De rekening van deze cadeaupolitiek betalen wij onder de vorm van ondergefinancierde openbare diensten. Zo verkwanselt Jambon I essentiële hefbomen voor een sociaal rechtvaardig klimaatbeleid. Openbare diensten werken immers herverdelend omdat ze voor iedereen maar vooral voor mensen met een lager inkomen extra koopkracht in het laadje brengen. Bovendien zouden energiezuinige sociale woningen, een beter openbaar vervoer en overheidsenergiebedrijven die inzetten op hernieuwbare stroomproductie sterk kunnen bijdragen tot meer groene jobs en een lagere CO₂-uitstoot. Openbare diensten zijn van grote sociale en ecologische waarde. Hun belang moét de komende decennia toenemen. De ambitie van links moet zijn om de werkende klasse daarvan te overtuigen. Op Zuhal Demir hoeven we sowieso niet te rekenen.

Samenleving & Politiek, Jaargang 27, 2020, nr. 3 (maart), pagina 80