Abonneer Log in

Wanneer de echo de stilte doorbreekt

Samenleving & Politiek, Jaargang 27, 2020, nr. 4 (april), pagina 32 tot 33

'Geen asielcentrum in Kalmthout' hangt plots schreeuwerig aan ramen in anders stille straten.

Kalmthout. Mijn dorp aan de rand van het land. Met iets meer dan 18.000 inwoners leven we samen aan de uitgestrekte heide. Het is er stil, onze gemeenschap laat zelden van zich horen. Alsof het officiële stiltegebied in de heide een geluidsdemper is op álles. 'Kalmthout, als je van natuur houdt.' Het nieuws halen we vooral wanneer diezelfde heide brandt.

In februari woedde een andere brand. De federale overheid kondigde aan een asielcentrum te openen. 120 mensen zouden tijdelijke opvang krijgen in een pand dat ooit dienstdeed als opleidingscentrum. Het staat al jaren leeg, is bouwvallig en absoluut ongeschikt voor de opvang van zoveel mensen. Iedereen was het erover eens.

De gemeente probeerde de minister op andere gedachten te brengen. Tevergeefs. Een privaat bedrijf – G4S Care – zou het pand van de private eigenaar op twee maanden tijd klaarmaken voor de nieuwe functie. De buurt protesteert, de gemeente trekt naar de Raad van State. Terecht. Het pand is ongeschikt. Maar zoeken naar een alternatieve locatie is voor de – absolute CD&V – meerderheid niet aan de orde.

Nochtans is er een opportuniteit. De gemeente heeft sinds januari het Domein Diesterweg, de oudste openluchtschool van Europa, in erfpacht. Definitieve plannen met het gebouw of domein errond zijn er nog niet. Als de federale overheid geld veil heeft voor renovatie, dan kan het beter naar patrimonium van de gemeenschap gaan. Toch? 'Het is niet aan ons', zegt burgemeester Jacobs keer op keer. De federale overheid moet het maar oplossen. Kalmthout heeft volgens hem hier opdracht noch verantwoordelijkheid.

Tijdens druk bijgewoonde wijkvergaderingen uiten mensen hun ongerustheid. Een aantal uit oprechte bekommernis om het welzijn van vluchtelingen én omgeving. Zij organiseren zich al gauw in 'Kalmthout omarmt'. Anderen hebben vragen over de waarde van hun pand(en) die 'gewis zal dalen'. Ze willen hun dochters voortaan binnenhouden. Een lokale middenstander roept dat de armoezaaiers vooral niet in zijn winkel moeten komen. De menigte zwijgt. Gegeneerd? Instemmend? Graffiti verschijnt op straat. Op sociale media staan de gruwelijkste commentaren. Van anonieme trollen, zeker. Maar ook van mensen uit Kalmthout. Dorpsgenoten.

Intussen gaat het nieuws als een lopend vuurtje door de gemeente. Mensen maken zich zorgen. Extreemrechts deelt affiches uit. 'Geen asielcentrum in Kalmthout' hangt plots schreeuwerig aan ramen in anders stille straten. Op een protestmeeting aan het stationnetje in Heide verschijnen kopstukken van Vlaams Belang. Filip De Winter neemt het woord tegen een achtergrond van strijdvlaggen en fakkels. Dat er wellicht meer Antwerpenaren dan lokale mensen protesteren, maakt de avondlijke meeting niet minder beangstigend.

Op een steenworp van het station staat een oude synagoge. Het is de enige die in België ooit buiten een stad werd opgetrokken. Kalmthout heeft dan ook een bijzondere geschiedenis. Ooit leefde hier een grote Joodse gemeenschap. Diamantairs en handelsmensen kwamen zich in het begin van de vorige eeuw hier vestigen. De spoorlijn tussen Antwerpen-Essen-Roosendaal maakte van Heide-Kalmthout een bereikbare, aantrekkelijke vakantieplaats. De Joodse mensen trokken hier charmante villa's op. Hotels volgden, net als de synagoge en zelfs een Jeshiva.

Wanneer in Duitsland de nazi's aan de macht komen, doen zich hier de eerste antisemitische incidenten al voor. Vooral lokale middenstand loopt niet hoog op met de inwijkelingen. Die eten koosjer, kleden zich apart en laten geen geld rollen in de Kalmthoutse winkels. Affiches verschijnen in het anders zo stille straatbeeld. Een immobiliënkantoor stelt huizen te huur, uitsluitend voor niet-Joden. Een revue van de Christelijke Arbeiders(jeugd)in het Gildenhuis, gesponsord door lokale middenstand, laat niks aan de verbeelding over.

De gevolgen laten niet lang op zich wachten. De bezetter legitimeert wie antisemitisch denkt en handelt. De exploten van lokale Jodenjagers zijn intussen voldoende gedocumenteerd. Mensen verklikken hun buren, het bestuur knijpt een oogje toe of erger. De katholieke burgemeester Zaman geeft meer dan 50 namen door van zogenaamd 'ongure' figuren aan het Reichsarbeitsamt. Ook lokaal BSP-partijpionier, René Verbruggen, verraadt de partij en wordt lid van het extreemrechtse DeVlag. Er zijn ook helden die Joodse mensen helpen. Soms door hen een onderduikplaats te bieden. Een aantal van hen bekopen het men hun leven.

Finaal is er geen stad of gemeente in het land die een dermate hoog deportatiepercentage kent als Kalmthout: 85 % van de Joodse gemeenschap wordt afgevoerd. Eerst richting Dossin, vervolgens naar de vernietigingskampen. Ze komen nooit meer terug.

Dit dorp aan de rand van het land. Het toont vaak het béste van wat het is in een dorp te leven. Maar vandaag maak ik me zorgen. Minder om het volume en harde toon van schreeuwers. Wél om de relatieve stilte van eerlijke zielen.

Een belangrijk deel van de bevolking in Kalmthout spant zich de laatste jaren in om de oude synagoge te redden. De synagoge die stille getuige is van het leed van vluchtelingen. Als herinnering aan wat nooit meer mag gebeuren. Maar als straks mensen van vlees en bloed aan de deur staan, zal Kalmthout hen dan een veilig onderkomen bieden? Of redden we hier – in stilte – enkel gedenktekens?

Samenleving & Politiek, Jaargang 27, 2020, nr. 4 (april), pagina 32 tot 33