Abonneer Log in

Honger in België

Samenleving & Politiek, Jaargang 27, 2020, nr. 8 (oktober), pagina 36 tot 37

De Voedselbanken zijn voor steeds meer mensen levensnoodzakelijk.

België telt negen regionale Voedselbanken, verenigd in de Belgische Federatie van Voedselbanken. Zij zorgen voor de aanvoer en verdeling van voedsel en hygiëneproducten naar de 620 aangesloten verenigingen, die instaan voor de verdere verdeling aan de mensen in nood. De organisatie steunt nagenoeg volledig op vrijwilligers.

De Voedselbanken hebben tijdens de eerste golf van de coronacrisis noodgedwongen een belangrijke rol gespeeld. Het aantal mensen dat de eerste maanden van de crisis beroep heeft gedaan op kosteloze voedselhulp steeg naar ongekende hoogten. Het aantal volwassenen en kinderen nam toe van ongeveer 170.000 in februari tot circa 195.000 in de maand mei, een stijging van bijna 15%.

Deze toestroom zorgde logischerwijze voor een enorme piek in de voedselverdeling. In de periode maart tot juni 2020 werd 55,4% meer voedsel verdeeld in vergelijking met dezelfde periode vorig jaar. De werking van de Voedselbanken kwam weliswaar onder druk te staan, maar dankzij de grote solidariteitsgolf en de inzet van vele spontane, tijdelijke vrijwilligers kon de voedselbedeling in grote mate gegarandeerd worden en de hongersnood geledigd.

Extra financiële steun werd ontvangen van bankinstellingen, bedrijven, organisaties, overheid en particulieren. Dit stelde de Voedselbanken in de gelegenheid om, uitzonderlijk, voedsel aan te kopen om de ontstane tekorten aan te vullen. Daarnaast deden bepaalde voedingsbedrijven en retailers extra schenkingen van levensmiddelen. Zonder deze broodnodige steun hadden de Voedselbanken de lockdownperiode niet kunnen overbruggen en de lokale aangesloten verenigingen niet kunnen blijven bedienen.

Het is belangrijk om te benadrukken dat naast daden van solidariteit ook grote leveringen van kwalitatieve levensmiddelen, binnen het kader van het Europees Fonds voor Hulp aan de Meest Behoeftigen (FEAD), de Voedselbanken door deze periode heen hielpen. De Voedselbanken kijken reikhalzend uit naar de exacte uitwerking van het nieuwe Europees Fonds voor de periode 2021-2027.

Er zijn sowieso belangrijke veranderingen op til, aangezien het voedselhulpprogramma voortaan binnen het vernieuwde Europees Sociaal Fonds (ESF+) valt en elke lidstaat, dus ook de Belgische beleidsmakers, niet alleen moet bepalen welk budget voor voedselhulp wordt opzijgezet, maar ook hoe dat budget zal worden besteed.

Gezien de ontegensprekelijke noodzaak van FEAD in het kader van voedselhulp, wil de Belgische Federatie van Voedselbanken de Belgische autoriteiten en beleidsmakers dan ook uitdrukkelijk oproepen hun verantwoordelijkheid te nemen en het totale budget van zowel Europese, federale en regionale middelen voor Voedselhulp voor de periode 2021-2027 minimaal op het niveau van de periode 2014-2020 te behouden. Zij pleiten er ook voor dat het beschikbare FEAD-budget uitsluitend gebruikt wordt voor structurele leveringen van voedingsmiddelen en dat er geen budget uit dit fonds wordt gereserveerd voor de aankoop van voedselbonnen.

Kunnen voedselbonnen een kosteloze voedselverdeling dan niet vervangen? Wel, de Voedselbanken hebben inderdaad een aantal bedenkingen omtrent de invoering van voedselbonnen. Ten eerste bij voedselbonnen kopen mensen in armoede hun voedsel in supermarkt of winkel, aan de gewone consumentenprijzen. Dit maakt dat zij, voor eenzelfde budget, veel minder waarde aan (gezond) voedsel ontvangen dan de Voedselbanken hen, kosteloos, ter beschikking kunnen stellen. Bovendien brengt het systeem van voedselbonnen hoge beheers- en administratieve opvolgingskosten met zich mee. De totale meerkost wordt op ongeveer 40% geraamd.

Ook belangrijk te beseffen is dat voedselhulp vaak als opstap dient naar verdere sociale ondersteuning. De overgrote meerderheid van de bij de Voedselbanken aangesloten caritatieve verenigingen zorgen niet alleen voor gratis voedselhulp, maar ook voor begeleidende sociale maatregelen. Zo beschikken nagenoeg alle verenigingen over een ontmoetingsruimte die de sociale contacten bevordert en sociale isolatie voorkomt. Daarnaast bieden vele verenigingen ook een reeks andere diensten aan, zoals bijstand op het vlak van onder meer budgetbeheer, sociale zekerheid, medische zorgen, kinderopvang voor alleenstaande moeders, psychosociale zorg, enzovoort.

Er zijn dus nog heel wat uitdagingen, zowel op korte als middellange termijn. Hoewel de piek van het aantal mensen dat beroep doet op voedselhulp voorbij lijkt, blijft het aantal momenteel toch nog zorgwekkend hoger in vergelijking met de pre-corona periode. Het ziet er niet naar uit dat de economische activiteit en de tewerkstellingsgraad zich snel volledig zal herstellen.

Met de winter voor de deur staan de Voedselbanken voor een nieuwe uitdaging: zullen we het toegenomen aantal behoeftigen kunnen blijven voorzien van voldoende voedsel? Hopelijk blijft de solidariteit die we de voorbije maanden mochten ondervinden, spelen. En blijven burgers, bedrijven en overheid oor hebben voor de noden.

Samenleving & Politiek, Jaargang 27, 2020, nr. 8 (oktober), pagina 36 tot 37