Abonneer Log in

Een Viking in het Capitool

SAMPOL COLUMN

Voor veel rechts-extremisten staan de Europese middeleeuwen niet symbool voor een tijd van verval, maar voor een mythisch tijdperk van witte suprematie.

Vikingen waren geen witte supremacisten avant-la-lettre die uit racistische overtuiging aan het koloniseren gingen.

Het foutief projecteren van witte suprematie op het verleden verleent wel degelijk legitimiteit aan hedendaagse racistische ideologieën.

Onder de vele Trump-aanhangers die afgelopen week het Capitool bestormden was een van de opvallendste aanwezigen een Viking. De man heet Jake Angeli en komt niet uit het Hoge Noorden maar uit het droge Arizona. Getooid met een gehoornde bontmuts en opvallende tatoeages viel zijn aanwezigheid voor menig lens te bespeuren. Zijn outfit is dan wel excentriek, maar daarom niet lukraak gekozen. Op zijn borst prijken drie tatoeages: een Mjölnir (de hamer van de oud-Noordse god Thor), de levensboom Yggdrasil, en een Valknut (drie in elkaar gehaakte driehoeken). De symbolen verwijzen naar de Noordse mythologie uit de middeleeuwen.

Het is niet de eerste keer dat dergelijke historische symboliek een prominente plaats krijgt bij rechts-extremisten en 'white supremacists.' Anders Breivik, die in 2011 een aanslag pleegde op een zomerkamp in Noorwegen, beschouwde zichzelf als een Odinist: een volger van de oud-Noordse oppergod Odin. De man die in 2019 de aanslag op twee moskeeën pleegde in Christchurch, Nieuw-Zeeland, nam op sociale media afscheid met de woorden 'See you in Valhalla' – de hal waar de helden uit de Noordse mythologie terecht kwamen na hun dood. Dichter bij huis reed in september een pick-up-truck in de kijker tijdens de betoging van Vlaams Belang op de Heizel. Op de achterzijde van de truck prijkte onder meer een Odal, een Germaans rune-teken dat regelmatig door rechts-extremistische groeperingen als de Vlaamse Militanten Orde en het Vlaams Legioen gebruikt wordt. De eigenaar van de truck werd later aangehouden op verdenking van brandstichting in een asielcentrum in Bilzen in november 2019.

Voor sommigen staan middeleeuwse Germanen of Vikingen symbool voor een tijdperk van etnische zuiverheid – in contrast met het moderne tijdperk van grootschalige migratie en diversiteit. Het dwepen met mythische historische periodes om nationalisme te versterken, is natuurlijk niet nieuw. In Nazi-Duitsland werd naar het Germaanse en mystieke Arische verleden teruggegrepen als verwijzing naar een 'verloren' tijdperk van raciale zuiverheid, masculiniteit en (militaire) macht. Zo kon een middeleeuwse rune als de Odal geadopteerd worden als insigne voor de SS.

Niet enkel Nazi-symbolen en Viking-referenties dragen beladen connotaties met zich mee. In de VS en het VK woedt reeds enkele jaren een debat onder historici, archeologen en letterkundigen die zich bezighouden met de Engelse cultuur van voor de Normandische verovering, pre-1066 dus. Dat vakgebied staat bekend als 'Anglo-Saxon studies', maar wordt geplaagd door een lange associatie van het begrip 'Anglo-Saxon' met white supremacy en etnische zuiverheid. Heel wat onderzoekers riepen dan ook op om de term niet langer te gebruiken, vermits ze te sterk gekleurd en getekend werd door een racistische ideologie. Voor veel rechts-extremisten staan de Europese middeleeuwen niet symbool voor een tijd van verval, maar voor een mythisch tijdperk van witte suprematie.

Vikingen waren geen witte supremacisten avant-la-lettre die uit racistische overtuiging aan het koloniseren gingen.

Het is ironisch dat historisch onderzoek net steeds vaker wijst op de alomtegenwoordigheid van migratie en diversiteit – ook in het verre verleden. Vikingen waren geen witte supremacisten avant-la-lettre die uit racistische overtuiging aan het koloniseren gingen. Op heel wat plaatsen omarmden ze lokale culturen, van Ierland in het Westen, tot het Abbasidisch kalifaat in het Oosten. Evenmin vormden ze een etnische eenheid: ook grote groepen niet-Scandinaviërs maakten deel uit van Viking-samenlevingen, zonder duidelijk onderscheid in rang of stand. In tegenstelling tot de rechts-extremistische interpretatie van 'Anglo-Saxon', blijkt dat ook Angelsaksisch Engeland gekenmerkt was door een diversiteit aan talen en gebruiken, afkomstig van Noord- tot Centraal-Europa. De Angelsaksische cultuur was bovendien niet alleen Germaans, maar evenzeer sterk getekend door Latijnse, Griekse, Hebreeuwse en Noord-Afrikaanse invloeden.

Ook latere periodes werden gekenmerkt door meer diversiteit dan vaak wordt aangenomen. Een recente bundeling van studies over migratie in middeleeuws Engeland (500-1500) toont aan hoe migratie geen modern, naoorlogs fenomeen is – maar reeds van bij aanvang een essentieel onderdeel was van de Engelse economie en samenleving. Recente tentoonstellingen en archiefonderzoeken belichten hoe in 17e eeuws Amsterdam mensen van Afrikaanse origine prominenter aanwezig waren dan voorheen vaak gedacht. Ze waren er geen slaven, maar behoorden tot het dienstpersoneel of werkten als zeelieden in de internationale handel. Niemand minder dan Rembrandt schilderde meer dan 25 portretten van hen. Overigens was meer dan de helft van de bemanning op schepen van de Verenigde Oost-Indische Compagnie in de 18e eeuw afkomstig van buiten de Lage Landen.

Migratie en diversiteit zijn dus geen nieuwe fenomenen die pas geïntroduceerd werden in moderne, naoorlogse tijden. De recente Netflix-serie Bridgerton vergroot die constatatie uit door een fictieve, alternatieve geschiedenis te schetsen van een 19e eeuwse Britse aristocratie die niet uitsluitend wit was. Mythes van bedreigde volkszuiverheid zijn historisch dan wel zonder grond, maar dat staat hun populariteit bij sommige delen van de bevolking niet in de weg. De Dienst voor de Veiligheid van de Staat waarschuwt al enkele jaren voor de toenemende activiteit van rechts-extremistische groeperingen in België. Een verkeerde interpretatie van het verleden op zicht verklaart die trend natuurlijk niet. Het gedweep met middeleeuwse symboliek is wellicht weinig meer dan een sausje zelf-legitimatie over een dieper geworteld sentiment van misnoegdheid, racisme en gepercipieerde uitsluiting. Dat middeleeuwse symbolen vlot worden aangevuld met slogans en tattoos uit games en films, en overgoten met samenzweringstheorieën, bewijst wellicht de oppervlakkigheid ervan.

Het foutief projecteren van witte suprematie op het verleden verleent wel degelijk legitimiteit aan hedendaagse racistische ideologieën.

Maar het foutief projecteren van witte suprematie op het verleden verleent wel degelijk legitimiteit aan hedendaagse racistische ideologieën. Het tonen van de reële diversiteit die het verleden kenmerkt is dan ook geen herschrijven van het verleden, maar het resultaat van genuanceerd onderzoek naar een complex verleden. Hopelijk gaat ook onze eigen Vlaamse Canon-commissie met die uitdaging aan de slag, zodat de identiteitsgevoelens die ze volgens het regeerakkoord wenst te versterken geen foutieve mythes bekrachtigt.