Abonneer Log in

Van Hanzestad naar Mensenrechtenstad

In Europa zijn er slechts 10 Mensenrechtensteden, geen één ligt in België. Waar blijven onze steden?

Er bestaat een duidelijk en sterk verband tussen mensenrechten en lokaal bestuur.

Het initiatief van de Stad Gent is een instrument dat kan worden gebruikt om de titel Mensenrechtenstad te verdienen.

Vlaanderen heeft sinds kort een stad met een officiële Mensenrechtenraad. Stad Gent levert de primeur af en creëert zo een mensenrechtenkader dat criteria bepaalt waaraan internationale contacten worden afgecheckt. Dienstreizen en delegaties van haar personeel en politici worden zo doorgelicht. Gebieden waar mensenrechten (mogelijks) worden geschonden, krijgen een rode vlag. Aan de Stad om te beslissen wat ze aanvangt met dit advies, want bindend is het niet. Een officiële Mensenrechtenstad is Gent dus nog niet.

HET HANZEVERBOND (14e-16e EEUW)

Economische diplomatie op stadsniveau is geen recente uitvinding. Eigenlijk vonden internationale betrekkingen plaats op stadsniveau nog voor ze statelijk waren. In de hoogtijdagen van het Hanzeverbond waren bijna 200 steden rond de Oost- en Noordzee lid, zo ook bij ons.

Dit stedelijk verbond ontstond toen kooplieden, om hun handel in het buitenland te bevorderen, gingen samenwerken en fuseren. De stede van der dudeschen hense probeerden zo ook druk van buitenaf tegen te gaan. Tussen de 14e en 16e eeuw konden kooplieden rekenen op het Hanzevoorrecht dat uit dit verbond ontstond om een vlotte en lucratieve samenwerking te garanderen. Het Artlenburger Privilege, dat het ontstaan van het Hanzeverbond voorafging, had eigenlijk een pacificerend doel: een einde maken aan moord en doodslag tussen Gotlandse en Nederduitse kooplieden. Ingevoerd door hertog Hendrik De Leeuw, kregen zo de Gotlandse handelaars dezelfde rechten als hun Duitse concurrenten: belastingvrije gunstmaatregelen, bescherming en vrijheid. De nadruk op de wederkerigheid van rechten was van groot belang.

Gedurende bijna 400 jaar kon het Hanzeverbond zo een belangrijke rol spelen bij de vormgeving van economie, handel en dus ook politiek. Met een economisch bereik van Portugal tot Rusland kon het verbond haar macht doen gelden door economische blokkades op te leggen aan koninkrijken om economische belangen af te dwingen en indien nodig ten oorlog te trekken. Zo gingen handel en diplomatie al vanouds samen via stedennetwerken, en ook vandaag blijven steden en regionale overheden een belangrijke rol spelen in de economische betrekkingen tussen landen.

VAN HANZESTEDEN NAAR HUMAN RIGHTS CITIES

Met de opkomst van de moderne staat verdwenen de steden van het diplomatiek toneel. Beginselen zoals territorialiteit, soevereiniteit en de scheiding tussen nationaal en internationaal recht hebben hier uiteraard veel mee te maken. En toch zien we sinds kort een revival van de stad als actor op het internationaal terrein. Toenemende verstedelijking in combinatie met een concentratie van de globale economie in enkele wereldsteden, versterken de macht die steden hebben om internationaal op te treden. Of het nu de vorm aanneemt van soft law op stedelijk niveau of het deel uit maken van netwerken zoals Eurocities of Global Mayor Forum, steden zijn zich bewust van de verantwoordelijkheid en rol die ze spelen in het aanpakken van globale uitdagingen. Jumelage, of de zogenaamde stedenband, is het bekendste voorbeeld van een partnerschap tussen steden waar solidariteit het uitgangspunt is. Maar ook op het vlak van duurzame ontwikkeling en veerkracht zijn tig voorbeelden te noemen. Vooral nu klimaatverandering hét topic bij uitstek is; C40 Cities is hiervan een mooi voorbeeld.

Zo organiseren steden zich op lokaal vlak om de vertaalslag te maken van globale doelen zoals de UN Sustainable Development Goals. En elk disruptief event op wereldschaal – denk maar aan Covid-19 en de bijhorende economische herstelplannen – biedt steden de kans om het globale met het lokale te verbinden. Glokalisering dus, maar als een beweging die in de twee richtingen gaat: niet enkel implementatie van supranationale akkoorden maar ook de effectieve beïnvloeding van de richting waarin deze akkoorden gaan. Zo vond aan de vooravond van de ondertekening van het UN Global Compact for Migration in Marrakech een event plaats, de 5de Mayoral Forum on Human Mobility, Migration and Development. De bijeenkomst verzamelde lokale en regionale overheden uit de hele wereld met een centrale boodschap: erken de rol van steden bij de implementatie van het pact en de governance van migratie. Immers, waar bevinden zich de eerste vertrek- en aankomstpunten van migranten? In de steden! Het is dus ook hier dat vaak de rechten van migranten geschonden worden. Er bestaat dan ook een duidelijk en sterk verband tussen mensenrechten en lokaal bestuur. Mensenrechten worden nochtans nog niet zolang expliciet opgenomen in het beleid, verklaringen en programma's van steden.

Er bestaat een duidelijk en sterk verband tussen mensenrechten en lokaal bestuur.

DE MENSENRECHTENSTAD

De Mensenrechtenstad is een stad die hierin expliciet verwijst naar de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens, naast andere internationale normen en wetgeving ter zake. Op het Wereldforum voor Mensenrechtensteden in 2011 in Zuid-Korea werd de definitie strakker – al blijft het vaag: 'Zowel een lokale gemeenschap als een socio-politiek proces in een lokale context waarin mensenrechten een sleutelrol spelen als fundamentele waarden en leidende beginselen.' Het vertrekt van de erkenning dat een stad een belangrijke rol kan spelen bij het waarborgen van de grondrechten van de gemeenschappen waarmee het economische betrekkingen heeft of andere relaties onderhoudt. Overigens, in Europa zijn er slechts 10 Mensenrechtensteden (Neurenberg, Graz, Barcelona, Madrid, Terrassa, Bihac, Wenen, Utrecht, York, Lund), geen één ligt in België. Het initiatief van de Stad Gent is zo een instrument dat kan worden gebruikt om de titel Mensenrechtenstad te verdienen. Waar blijven onze andere steden?

Het initiatief van de Stad Gent is een instrument dat kan worden gebruikt om de titel Mensenrechtenstad te verdienen.

Maar hoever kan een stad hierin gaan, in het afdwingen van respect voor de universele rechten van de mens? Bij de Stad Gent klinkt het dat de pas opgerichte Raad 'de schendingen van mensenrechten centraler op de agenda van het internationaal beleid van de Stad plaatst'. Het Mensenrechtenkader is hierbij een nog te ontwikkelen instrument dat 'eisen stelt aan internationale partners inzake respect voor de mensenrechten'. Duidelijk een uitdaging. Vraag blijkt wat de grenzen zijn van de invloed die een stad kan hebben. Vandaag zien we voorlopig toch dat men verkiest om deel te nemen aan een World Cup in Qatar en om tevreden te zijn met het 'toezeggen van steun voor de rechten van gastarbeiders in Qatar'.

Het Hanzeverbond was in zijn beste jaren geloofwaardig genoeg om het op te nemen tegen koninkrijken. De geschiedenis zal uitwijzen waartoe de Mensenrechtenstad in staat is.