Abonneer Log in

Help, de crèche crasht

Terwijl voor de scholen de afkoelingsweek eraan komt, geldt dat niet voor de kinderopvang. Daar gaan momenteel alle alarmbellen af.

De kinderopvang wordt sinds de deltavariant geplaagd door een zware golf van besmettingen.

Kindbegeleiders met decennia ervaring laten me weten dat ze huilen op hun job.

Eén van de enige haalbare reddingsmiddelen is preventief en vaak testen, met kindvriendelijke lolly- en snoepjestests.

Wordt dit een afkoelingsweek, dan wel een aanloopweek richting Omikron?

De ondermaatse normen in de kinderopvang zijn een gotspe in een rijke gemeenschap als de Vlaamse.

In deze pandemie is kinderopvang de onopgemerkte maar onmisbare vangrail. Zonder kinderopvang vallen zorg en welzijn weg, zijn essentiële sectoren kreupel, en branden overbelaste jonge ouders nog meer op. Toch worden de kinderopvang en haar mensen vaak vergeten door de Vlaamse regering. Dat dreigt hen zuur op te breken – met gevolgen voor ons allemaal.

'ONZICHTBARE' SECTOR

Tijdens het laatste Overlegcomité beledigde Vlaams minister-president, Jan Jambon, het geplaagde onderwijs vierkant. De kinderopvang echter, een sector die onder zijn hoede valt, noemde hij niet eens. Die belediging kwam ook hard aan en werd in de sector veelbesproken.

Zijn stilzwijgen was ondankbaar voor een sector die in deze lange crisis nog geen dag gesloten was, ook toen de besmettelijkheid van jonge kinderen met de delta- en omikronvariant duidelijk werd. Kinderopvang is dan ook één van de onzichtbaarste, maar essentieelste schakels in de Covid-crisis. Zorg en welzijn, en essentiële beroepen drijven op een groot aantal jonge ouders, en vooral op vrouwen. De kinderopvang is hun vangrail. Onze bijzonder hoge werkzaamheidsgraad van jonge ouders, en vooral jonge moeders, hebben we enkel en alleen te danken aan een breed en betaalbaar netwerk van kinderopvang.

De kinderopvang wordt sinds de deltavariant geplaagd door een zware golf van besmettingen.

Maar de stilte toonde ook een blinde vlek, en die is in deze crisis gevaarlijk. De kinderopvang wordt sinds de deltavariant immers geplaagd door een zware golf van besmettingen. Vanaf oktober en november van dit jaar sloten kinderdagverblijven door massale personeelsuitval – een echt probleem, want de kinderopvang kampte al een jaar met het grootste personeelstekort van zorg en welzijn. Begin december berekende hoogleraar arbeidsgeneeskunde, Lode Godderis, dat de meeste besmettingen plaats hadden in de kinderopvang. Als ziekenhuispersoneel in quarantaine moest, had dat steeds vaker te maken met de besmettingen in deze 'onzichtbare' sector. Sowieso gaven de besmettingen in de kinderopvang indirect een extra klap op de knieschijf van elke sector, terwijl de hele markt al mankt door personeelstekort.

8 à 9 BABY'S PER KINDBEGELEIDER

Die blinde vlek is er trouwens al jaren. In Vlaanderen wordt van kindbegeleiders verwacht dat ze 8 à 9 baby's per persoon begeleiden. Dit is al zowat de hoogste norm van heel Europa en wordt door geen enkele specialist als kwaliteitsvol genoemd. Aan het begin en het eind van de dag moet je er dan nog de baby's van je collega erbij nemen. Het slaapuur – spitsuur voor elke jonge ouder – moet je als kindbegeleider doen met 14 kleintjes onder je hoede. Het aantal is een jaargemiddelde, dus buiten griepseizoen en vakanties liggen de aantallen nóg hoger. Er is standaard al geen ruimte voor pedagogische bijscholing of intervisie, al heeft kinderopvang een belangrijke pedagogische en sociale plek. Het is niet een 'bewaarplek voor baby's terwijl ouders werken'. Kindbegeleiders doen dit voor een loon dat het laagste is van alle essentiële beroepen. Achter de 'handen in de zorg' staan nochtans elke keer mensen. Vaak kortopgeleid, zeer gemotiveerd, zeer emotioneel intelligent. Die mensen puur als een al dan niet inzetbare 'massa' beschouwen, is een heel kwalijke politieke trend.

Dit heeft ook effect op kinderen. Hoe liefdevol je ook wil zijn, hoe professioneel onderlegd je warme zorg ook is: onder deze omstandigheden, met dit soort normen, is het onmogelijk om pedagogisch en sociaal hoogstaande kinderopvang te leveren. Dit is óók simpelweg slecht voor baby'tjes en jonge kinderen. De economie moet draaien. Maar welke politieke visie rechtvaardigt dit soort menselijke prijs?

Deze toestand heeft gevolgen. In de kinderopvang stonden een jaar geleden al de meeste vacatures van heel zorg en welzijn. Per jaar kiest een honderdtal minder mensen voor het zevende jaar kinderverzorging. Van hen zegt maar 1 op 5 de kinderopvang als toekomstplan te hebben. De uitstroom van mensen die de zin en het belang van hun werk inzien maar onder deze werkdruk niet kunnen blijven werken, is groter dan de instroom. Kindbegeleiders stappen met spijt uit het verdriet. Vaak kozen ze voor de kinderopvang uit terecht idealisme, bleven voor de kindjes en ouders, maar geven duidelijk aan dat ze het niet meer aankonden om ondermaatse begeleiding te moeten bieden onder de normen van de Vlaamse gemeenschap.

CRÈCHES DOEN MOMENTEEL HET ONMOGELIJKE

Terug naar vandaag. Buiten de 'gebruikelijke' oplopende overbelasting van de afgelopen jaren, is de personeelsuitval door besmetting nu ook nog torenhoog. Het aantal kinderen per persoon dat al onmenselijk was, wordt nu daardoor ondoenbaar hoog. Kindbegeleiders met decennia ervaring laten me weten dat ze huilen op hun job, andere dat ze bang zijn terwijl 's ochtends de aantallen baby's toenemen. Eentje stuurde me dat ze haar collega 's ochtends in impulsieve paniek zei: 'doe alstublieft de deur toe!'

Kindbegeleiders met decennia ervaring laten me weten dat ze huilen op hun job.

In vorige golven kon de kinderopvang sluiten bij te veel besmettingen, met een algemene compensatie. Nooit waren er meer besmettingen in de sector dan vandaag, toch vraagt de Vlaamse regering nu open te blijven en biedt ze een compensatie per afwezig kind. Een compensatie die helaas niet meer kindbegeleiders tovert op de werkvloer voor het groeiend overtal kinderen per persoon dat overblijft.

In combinatie hiermee stromen de verhalen binnen van ouders die zieke kinderen naar de opvang brengen. Kindjes met koorts, die 's ochtends een pijnstiller kregen. Kindjes die antibiotica krijgen. Kindjes met bronchitis. 'Het zijn allemaal tandjes, maar ze hebben allemaal koorts', zeggen kindbegeleiders bitter. Nonchalance? Of wanhoopsgrepen om niet nog eens een dag werk te missen? Scholen sluiten bij besmettingen en zieke kinderen worden er naar huis gestuurd. De kinderopvang echter wordt aangemoedigd om vooral open te blijven.

Stad Gent besliste met schepen van onderwijs, Elke Decruynaere, deze week zelf tot minimumbezetting in de kinderopvang, wat in dit licht een absoluut verstandige en menselijke beslissing is. Er wordt immers over de kinderopvang geblokletterd dat 'de crèches het slecht doen' qua besmettingen. Correcter ware: de crèches doen momenteel het onmogelijke.

Hoe beperk je nú de massale besmettingen in deze 'onzichtbare', belangrijke sector? Kinderopvang hangt met liefde en lichamelijkheid aaneen. Lichaamscontact is levensnoodzakelijk maar ook onvermijdelijk, lichaamsvocht hoort bij de job, er wordt met flinke decibels en aerosolen gehuild of gelachen. Minimondmaskers kunnen (gelukkig!) niet bij kleintjes. Ventilatie lijkt een optie, maar hoe is dat praktisch werkbaar? Kinderen in scholen kunnen extra laagjes kleren aan. Maar kindbegeleiders zijn al zo overbelast, en ook middenin de winter moeten baby's voortdurend verschoond worden. Mini-skipakjes komen ook de motoriek of houdbaarheid voor de kindjes niet ten goede.

Eén van de enige haalbare reddingsmiddelen is preventief en vaak testen, met kindvriendelijke lolly- en snoepjestests.

Eén van de enige haalbare reddingsmiddelen is preventief en vaak testen, massaal en in een protocol gegoten met kindvriendelijke lolly- en snoepjestests. In Duitsland werd een dergelijk protocol zonet ingevoerd, met driemaal wekelijks testen.

ALARMBELLEN IN DE KINDEROPVANG

Misschien vindt u dit erg veel alarmbellen. Dat klopt. Buiten de metaalmoeheid door het structureel gebrek aan maatregelen in kinderopvang én het gebrek aan maatregelen tegen de besmettingen, heeft dat een andere reden.

Ten eerste, omdat de afkoelingsweek die eraan komt voor scholen niet geldt voor kinderopvang. Nu al is duidelijk dat buitenschoolse opvang de vraag in deze week niet zal kunnen opvangen. In het beste geval organiseren besturen, zoals de Brusselse VGC (Vlaamse Gemeenschapscommissie), zelf nog noodopvang. Kinderopvanginitiatieven krijgen overal vragen om andere kindjes erbij te nemen van gesloten initiatieven, en bovendien broertjes en zusjes op te nemen in de afkoelingsweek. De buitenschoolse opvang wordt mogelijk nog vaker vergeten dan de kinderopvang, met alle gevolgen van dien. Pedagogische en sociale bijscholing bestaat er weinig, en qua normen is er een probleem: een onderzoek van Michel Vandenbroeck en Jochen Devlieghere toonde deze week dat buitenschoolse begeleiders soms minder dan tien, maar ook soms meer dan honderd kinderen per persoon moeten begeleiden. Met zulke aantallen is het de vraag hoe je je aan 'bubbels' houdt. En of dit wel een afkoelingsweek, dan wel een aanloopweek richting Omikron wordt.

Wordt dit een afkoelingsweek, dan wel een aanloopweek richting Omikron?

Ten tweede, omdat er een 'Wat als'-scenario bestaat. Omikron rukt in alle snelheid op bij ons. De ernst en besmettelijkheid van de ziekte zijn onduidelijk. Zuid-Afrika heeft natuurlijk een heel andere populatie, leefwijze en vaccinatiegraad dan België. Met dat in gedachten: in Pretoria in Zuid-Afrika zijn 10% van alle ziekenhuisopnames door Omikron van kindjes onder de 2 jaar. Mocht die trend ook in Vlaanderen blijken, dan is dat een rampscenario met de hoge bezetting, economische afhankelijkheid van de essentiële sectoren, zeer zware arbeidsomstandigheden, uitgeputte kindbegeleiders en vele zieken, nu al hoge besmettingsgraad in de kinderopvang, onvoldoende terugbetalingsregeling en de huidige achterpoortjes. Essentiële sectoren zouden nauwelijks kunnen werken zonder kinderopvang. Maar de klap van kleintjes die erg ziek worden, zou vooral psychologisch en praktisch moeilijk te dragen zijn. Psychologisch, omdat kleintjes niet horen ernstig ziek te worden, laat staan erger. Praktisch, omdat pediatrische IC-verpleegkundigen nog veel dunner bezaaid zijn dan zij voor volwassenen. Sommige scenario's, die wil je niet afwachten.

Een betere terugbetalingsregeling, snelle vaccinatie van de kinderopvang, maar ook een uitgebreide, regelmatige en duidelijke teststrategie is nu noodzakelijk voor de kinderopvang.

WAKE-UPCALL

Laat dit een wake-up-call zijn. Kinderopvang verdient meer, uit menselijkheid voor onze kindjes en voor wie in de kinderopvang en de buitenschoolse opvang werkt, maar bij gebrek daaraan: uit simpele noodzaak voor ons allemaal om in deze crisis, maar ook daarbuiten, recht te blijven.

De ondermaatse normen in de kinderopvang zijn een gotspe in een rijke gemeenschap als de Vlaamse.

De kinderopvang heeft een hervorming nodig, want de huidige ondermaatse normen onderschatten deze belangrijke sector. Ze zijn een gotspe in een rijke gemeenschap als de Vlaamse, en maken stilaan een stevig opvangnetwerk kapot dat ouders emancipeert en kindjes potentieel veel kan bijbrengen in liefde en leren.