Ereloonsupplementen woekeren welig, ook buiten ziekenhuizen. Eerder dan ze te plafonneren, moeten we ze verbieden.
Onderzoek van het Intermutualistisch Agentschap toont opnieuw aan dat een deel van de artsen-specialisten in de ziekenhuizen buitensporige bedragen vragen aan patiënten, tot het driedubbele van de vergoeding die ze ontvangen vanuit de sociale zekerheid. Dat zorgt ervoor dat patiënten zorg uitstellen, omdat ze niet weten hoeveel deze gaat kosten. Wanneer de aandoening verergert en er acuut moet worden ingegrepen, kost dit meer aan de patiënt en aan de sociale zekerheid. Uitgestelde zorg is dure zorg.
Het aandeel Belgen met onvervulde zorgnoden is volgens de OESO gedaald, maar het blijft hoger dan in Nederland en Duitsland. In België is de reden voor deze onvervulde zorgnoden bijna integraal te wijten aan de financiële kost, in tegenstelling tot wachtlijsten of geografische afstand tot een zorgverlener.
De ereloonsupplementen zijn niet beperkt tot de ziekenhuizen. Het Federaal Kenniscentrum voor de gezondheidszorg (KCE) wijst erop dat ze wijdverspreid zijn in de ambulante zorg, bijvoorbeeld bij tandartsen of kinesisten. En daar bestaat er amper regelgeving.
In theorie kan een patiënt kiezen tussen een geconventioneerde en niet-geconventioneerde zorgverlener, maar in de praktijk mogen we al blij zijn als we een huisarts of tandarts vinden die nog plaats heeft. Hetzelfde Intermutualistisch Agentschap publiceert ook cijfers over de conventioneringsgraad: in de provincie Antwerpen bijvoorbeeld is slechts 43% van de kinesisten en 18% van de tandartsen geconventioneerd.
In de provincie Antwerpen is slechts 43% van de kinesisten en 18% van de tandartsen geconventioneerd
De meest recente editie van de 'Health at a glance' studie van de OESO toont opnieuw aan dat de Belg een groot aandeel van de gezondheidszorg zelf moet betalen. We financieren meer dan een vijfde (22%) met eigen betalingen, terwijl dat in Nederland (12%), Duitsland (11%) en Frankrijk (9%) opmerkelijk lager ligt. Gezondheidsuitgaven maken in België (4,6%) ook een groter aandeel uit van het gezinsbudget dan in Nederland (2,7%), Duitsland (2,5%) en Frankrijk (2%).
Het KCE stelde in een eerder rapport over de performantie van het Belgisch gezondheidssysteem expliciet dat de supplementen de prijstransparantie en de prijszekerheid voor de patiënt verminderen en waarschuwt: door de kosten naar gezinnen te verschuiven, kunnen eigen betalingen een financiële drempel vormen en leiden tot financiële problemen, in het bijzonder voor personen met hoge zorgbehoeften of gezinnen met beperkte middelen.
Daarenboven is het hoge inkomen dat artsen uit bepaalde handelingen kunnen puren een sterke financiële prikkel om deze handeling zoveel mogelijk uit te voeren. Dat leidt tot overconsumptie en jaagt de sociale zekerheid op zeer hoge kosten.
Ereloonsupplementen leiden tot overconsumptie. Zo kent België bij de hoogste aantallen heup- of knieprotheses
Zo kent België om onverklaarbare redenen bij de hoogste aantallen heup- of knieprotheses van de EU14-landen. Medische beeldvorming wordt in de meeste gevallen van niet-specifieke lage rugpijn niet aanbevolen, maar toch blijven artsen-specialisten op grote schaal CT-scans doen.
We steunen de plannen van minister Vandenbroucke die een complete hervorming van de gezondheidszorg voorstelt. Het plafonneren van de ereloonsupplementen in ziekenhuizen tot 125% en de ambulante zorg tot 25% werd onder druk van de artsenorganisaties geschrapt. De artsenorganisaties moeten nu tegen 31 juli 2027 samen met de mutualiteiten het percentage of het bedrag van de ereloonsupplementen bepalen. Wij zeggen: ga verder, verbied de ereloonsupplementen.
Belgen betalen voor gezondheidszorg via sociale zekerheidsbijdragen. Vanuit deze sociale zekerheidsbijdragen betaalt het RIZIV de vergoedingen van zorgverleners. Bovenop deze vergoedingen en het remgeld nog ereloonsupplementen eisen, vermindert de toegankelijkheid van de zorg. Het is van het allergrootste belang dat de zorg betaalbaar en toegankelijk blijft. Zo blijft onze samenleving ook gezond.