Abonneer Log in

Hate in the Homeland

Samenleving & Politiek, Jaargang 28, 2021, nr. 5 (mei), pagina 62 tot 65

Cynthia Miller-Idriss analyseert en geeft aan hoe het extreemrechts discours genormaliseerd werd en waar het overal te vinden is.

Hate in the Homeland

Cynthia Miller-Idriss
Princeton UP, New Jersey, 2020

Zijn we getuige van die 'mainstreaming van de esthetiek?' Strakke blauwe maatpakken en skinny jeans.

We moeten werken aan de verdediging van democratie, maar ook aan die verwachtingshorizon van hoe onze maatschappij wél kan zijn.

Een obscure niet-erkende studentenvereniging, zeer luidruchtige en slechte metalconcerten, een motor- of gevangenisbende. De plaatsen waar men tot enkele jaren terug veelvuldig in aanraking kwam met haat, geweld en extreemrechtse ideeën, daar kwam je niet toevallig terecht.
Vandaag is de situatie helemaal anders, en komen meer mensen dan ooit dagelijkse meerdere keren in contact met die boodschappen en ideeën. Ze worden ook anders verpakt en zijn beter verteerbaar. Extremistische boodschappen vind je niet enkel meer in gewelddadige manifesten (denken we maar aan de dader van de aanslagen en massamoord in Noorwegen), maar staat ook doodleuk op de kaptrui van een passant in de winkelstraat of op stickers op verkeersborden.
Extreemrechtse ideologie vormt een wezenlijke bedreiging voor de democratische rechtsstaat en de mensenrechten. Steeds meer (ook gewelddadige) incidenten doen zich voor. De aanslagen in Noorwegen gebeurden ondertussen bijna tien jaar geleden. El Paso en Christchurch liggen nog vers in het geheugen. Extreemrechts discours raakt steeds meer genormaliseerd, en komt – al dan niet gecodeerd – overal voor.
De mondiale opkomst en toename van extreemrechtse radicalisering vormt het onderwerp van dit boek Hate in the Homeland. The New Global Far Right. Cynthia Miller-Idriss, professor aan de American University Washington, analyseert en geeft aan hoe dit discours genormaliseerd werd en waar het overal te vinden is. Het is vaak confronterend, je verwacht niet meteen een veganistische kookprogramma als cruciale gateway to extremism. Met 'Far Right' verwijst de auteur naar groepen, organisaties, ideeën met vier overlappende elementen: anti-overheid en antidemocratische praktijken en idealen, uitsluitingsdenken, existentiële bedreigingen en samenzweringstheorieën en apocalyptische eindstrijden.
Het vernieuwende is het perspectief dat Miller-Idriss aanneemt. De auteur verwijst naar eerder onderzoek, en stelt haar kijk tegenover vroeger onderzoek, waarbij vooral de aanbodzijde (extreemrechtse verenigingen en hun strategie) of de vraagzijde (individuen en wat zich in hun hoofden afspeelt bij radicalisering). In dit boek ligt de focus dus eerder op het waaren wanneervan extreemrechtse radicalisering, eerder dan op de waarom en hoe .
Met deze geografische focus wil de auteur inzicht bieden in de fysieke en virtuele 'ruimtes en plaatsen' van extreemrechts, en die variëren van de plaatsen waar men in aanraking komt met ideeën, over ingebeelde landschappen en heilige plaatsen tot de culturele ruimte waar haat wordt grootgebracht.
De geografische focus in dit boek kijkt vooral naar de plekken (spaces and places) waar radicalisering gebeurt. Deze kijk is meer gericht op alledaagse en banale ontmoetingen met radicaliserende boodschappen, door de auteur benoemd als new gateways where people can be radicalized.

In het eerste hoofdstuk verkent de auteur wat een homeland is. Ruimtes en plaatsen zijn belangrijk voor identiteitsvorming, dat is stevig onderzocht in de literatuur. De link tussen nationalisme, territorium en identiteit binnen een verbeelde gemeenschap is het startpunt. Bij extreemrechts worden deze ruimtes ook nog eens geracialiseerd. Een sacrale band verbindt die ruimte met etnische en culturele groepen. Een dergelijke ruimte kan ook een gevoel bieden van houvast binnen continue maatschappelijke verandering.
Dergelijke homelands zijn niet alleen louter geografische ruimtes en zijn zeer instrumenteel voor extreemrechts. Het gaat over verbeelde of symbolische ruimtes zoals het American Heartland(denk bij ons maar aan de 'Vlaamse klei') en nationale thuislanden. Geografische ideëen die geherinterpreteerd worden op basis van racisme en uitsluiting, als white spaces die beschermd moeten worden tegen vervuiling, aantasting en invasies. En die dus finaal met geweld moeten worden verdedigd.
Voor veel rechtsextremisme ideaalscenario's (etnostates, etnisch homogene gebieden) is controle op dat territorium vereist. Politieke actie (in verschillende vormen) is dus essentieel. Denken we maar aan 'zekere grenzen', 'fort Europa', 'build the wall', 'no-go-zones' in steden, enzovoort. Dergelijke geografische ruimtes worden veelvuldig gebruikt.

In het tweede hoofdstuk wordt toegelicht hoé die retoriek mainstream kan worden, en vandaag ook wordt gemaakt. Hoe komen extreemrechtse ideeën in het venster van Overton terecht, het venster waarbinnen politieke ideeën als 'algemeen aanvaardbaar' worden gezien? Volgens de auteur door drie zaken die zich gelijktijdig ontwikkelen. Allereerst de opkomst van populistische partijen. Die normaliseren extreemrechtse ideeën door ze te gebruiken in politieke retoriek. (Theo Francken en Thierry Baudet, iemand?). Na de populistische partijen volgen de centrumpartijen, met als resultaat een verdere normalisering.
Wie vandaag kijkt naar welke delen van het 70-puntenplan gerealiseerd zijn of als programmapunten bij andere partijen zijn opgenomen, of naar eender welke discoursanalyse van de laatste tien jaar, die krijgt enkel maar bevestiging voor bovenstaande stelling.
Desinformatie en fake news zijn eveneens bondgenoten van extreemrechts, door de groei van twijfel over 'de' waarheid worden de ideeën versterkt en verspreidt. De weaponisation van jongeren- en gamerscultuur, specifiek het gebruik van humor en memes samen met een nieuwe extreemrechtse esthetiek is de derde trend.

Zijn we getuige van die 'mainstreaming van de esthetiek?' Strakke blauwe maatpakken en skinny jeans.

Zijn we getuige van die mainstreaming van de esthetiek? Strakke blauwe maatpakken en skinny jeans. Flitsende media, digitaal innovatief, en met alle scherpe randjes vakkundig weggevijld of weggestoken in meer verdoken online hoekjes. En met die nieuwe esthetiek krijg je ook de mogelijkheid om meerdere zaken tegelijk te zijn: toegankelijk en mainstream in het uiterlijk, eens zo extreem in de ideeën.
Met andere woorden: dankzij bovenstaande onderliggende trends is een concept als 'etnische zuivering' aanvaardbaar geworden voor meer mensen dan ooit. Enkel heet het nu 'remigratie', werd de boodschap vooral gedeeld via prentjes met een grijnzende kikker, en hameren bevoegde politici maar al te graag op 'terugkeer.' Een gevaarlijke situatie, licht uitgedrukt.

In de hoofdstukken 3, 4, 5 en 6 wordt dit geïllustreerd aan de hand van cases. Ik moet er hier snel aan voorbij gaan, je leert er meer over de variëteit aan commerciële en culturele spaces (bijvoorbeeld ecologische magazines for holistic thinking: Environmental protection – animal protection – homeland protection). We leren onder meer dat hippe thema's zoals (gezonde) voeding en mode ook voor extreemrechts gateways van voorkeur zijn. De volgende hoofdstukken bekijken op twee plekken zelf hoe de radicalisering wordt georganiseerd: MMA- en vechtsportclubs en universiteitscampussen. In een laatste hoofdstuk wordt de rol van het internet breed besproken. Het spreekt voor zich dat de algoritmes en filter bubbles groot zijn.

De analyse geeft duidelijk aan hoe wijdverspreid de praktijken zijn en in welke onverwachte hoeken ze vaak opduiden. Maar Miller-Idriss wil vooral ook oplossingen bieden. De 'geografische' blik helpt om te focussen op plaatsen waar men in contact komt met radicale boodschappen, en op personen in de marge, niet enkel op de leiders van verenigingen.
Wat indien we haat en extreemrechtse boodschappen als een te verspreiden virus zien, en we volop voor maatschappelijke herd immunity gaan en een vaccinatiecampagne starten? Een vaccin van burgerschap en democratische waarden is de beste bescherming tegen haat.
Op dit moment is het niet goed gesteld met de mentale weerbaarheid en het welbevinden van onze jongeren, dat maakt hen net éxtra kwetsbaar voor haatboodschappen en radicalisering. Politionele en inlichtingendiensten hebben zeker hun rol, maar het is alleen niet voldoende.
Een reden te meer om sterk in te zetten op dat preventieve luik. Om aanwezig te zijn daar waar jongeren aanwezig zijn, en waar ze in contact (kunnen) komen met extreemrechtse boodschappen. Om vormingen te bieden aan leerkrachten, ouders en iedereen die ook op de plekken komt waar het gebeurt.
We kunnen dat doen met positief beleid, met een force for good. We moeten werken aan de verdediging van democratie, maar ook aan die verwachtingshorizon van hoe onze maatschappij wél kan zijn.

We moeten werken aan de verdediging van democratie, maar ook aan die verwachtingshorizon van hoe onze maatschappij wél kan zijn.

Bedreigingen en obstakels van onzekerheid, angst en stilstand kunnen we doorbreken. Op basis van solidariteit en met een sterke overheid kunnen we ervoor zorgen dat iedereen zich thuis voelt en iedereen een gelukkig en gezond leven kan leiden. En op die manier kunnen we ervoor zorgen dat iedereen het gevoel heeft een plek te hebben in deze maatschappij en iedereen veilig zichzelf kan zijn. En dat moet bovenal gebeuren met respect en empathie voor personen die zich 'niet meer thuis' voelen.

Maxim Veys

Samenleving & Politiek, Jaargang 28, 2021, nr. 5 (mei), pagina 62 tot 65