Abonneer Log in

2008: het jaar van de solidariteit

nieuwjaarsbrief

Samenleving & Politiek, Jaargang 15, 2008, nr. 1 (januari), pagina 8 tot 10

Deze nieuwjaarsbrief is de meer onderbouwde versie van de eindeloze reeks eindejaarsvraagjes die steeds weer de uittocht van het oude jaar vergezellen. Deze vraagjes dwingen je om even om te zien, om dan als vanouds het goede voor te nemen en de boodschap van hoop te verwoorden.

Het jaar 2007 is het geboortejaar van mijn eerste kleinkind. Dat kleine wezentje, dat stukje van jezelf in je armen, veroorzaakt een onweerstaanbaar intens gevoel van fierheid en grootmoederliefde. Zalig! Dit is - alle Letermes en Dewevers ten spijt - mijn moment van 2007.

Mijn kleindochter treft het: ze is op de juiste plek op aarde geboren en hoeft alvast geen honger te lijden. Er is in haar geboorteland ook geen oorlog of oorlogsdreiging, er is een goed uitgebouwde sociale zekerheid en bijna 80% van de Vlamingen woont in zijn eigen huis. De berichten over verminderde koopkracht ten spijt, zeulen mensen met grote zakken vol dure cadeaus door de winkelstraten. Armoede blijft verborgen, de afbetaling is voor 2008.
Te veel rijkdom maakt echter niet blij. Het voedt de angst om te verliezen en doodt de hoop. Beter dan vandaag zal wel niet kunnen, en gisteren bood meer kansen op vooruitgang dan vandaag.

Dit gevoel over de toekomst heeft niets goed in petto en maakt conservatieve partijen sterker. Conservatieve partijen verwijzen immers naar wat gisteren beter was en onderlijnen graag het onvermogen van de politieke klasse om iets te ondernemen. Ze geven tegelijk de boodschap dat het de schuld is van de ander en dat je er zelf toch niets aan kan doen. Het geeft mensen het excuus om zelf geen verantwoordelijkheid te nemen. Waarom zou ik mijn auto thuislaten: de anderen rijden ook. Waarom zou ik geen foie gras eten: het beest is toch al dood en als ik het niet eet, eet een ander het.
Dit collectief egoïsme, deze kortzichtigheid staat haaks op wat progressieve partijen in het algemeen en groene partijen in het bijzonder verkondigen: solidariteit met de komende generaties. We zijn het aan onze kinderen en kleinkinderen verplicht om hierin ambitieus te zijn. Het is de verdienste van de wereldwijde milieubeweging dat 2007 afsloot met de slotverklaring van de klimaatconferentie in Bali. Ze werd door alle landen - ook de VS - ondertekend. De komende twee jaar worden cruciaal.

Het jaar 2007 was een slecht jaar voor progressieve partijen. Tijdens de campagne voor de federale verkiezingen zijn we er niet in geslaagd om dat sprankeltje hoop te brengen dat aantoont dat morgen ook beter kan zijn. We waren vooral met en tegen elkaar bezig; ruziën wie het beste klimaatplan heeft. Groen! beweerde bij hoog en bij laag de enige echte ecologische partij te zijn en sp.a jende de door de kiesdrempel getormenteerde groenen door groene huisvrouwen op de lijst te zetten en haar bestuurssuperioriteit uit te vergroten. De kiezer heeft de progressieve partijen niet beloond voor dit schouwspel, en koos massaal voor het kartel CD&V/N-VA.
De verantwoordelijkheid van dit kartel is bijzonder groot voor wat politiek 2007 te bieden had. De aanslepende onderhandelingen van de laatste zes maanden hebben geleid tot een verrottingsstrategie die de hele politieke klasse zwaar beschadigt. De Belgische politiek is verworden tot een soap waarin Yves niet en dan toch weer wel met Joël wil, Didier het niet heeft op Elio, Bart een veto stelt tegen Caroline, …

Hoe kunnen progressieve partijen zich versterken in dit gewoel? Hoe kunnen we de kiezers in 2008 een boodschap van hoop brengen? Groen! schrijft zich alvast niet in in de soap van Yves Leterme en de zijnen. Dit is niet ons verhaal, maar een slecht geschreven plot dat zich situeert in de vorige eeuw. Een verhaal waarin Vlamingen en Walen tegen elkaar worden uitgespeeld. Een progressief verhaal verbindt in plaats van te verdelen.

Solidariteit

Is er een mooier woord denkbaar dan solidariteit om verbondenheid uit te drukken? Aaibare liberalen zoals Verhofstadt en De Gucht zijn er in geslaagd het woord solidariteit uit de markt te prijzen wegens gedateerd. Solidariteit verdient echter herstel. Solidariteit is niet gedateerd. Integendeel, het is meer dan ooit de basis voor een boodschap van hoop. Het is niet door tewerkstelling te defederaliseren dat de politiek meer vat krijgt op de beslissing van multinational VW om de fabriek in Vorst te sluiten. Het is niet door de gezondheidszorg Vlaams te maken dat medicamenten goedkoper worden en het kiwimodel meer kans krijgt.
De echte vraag is: hoe kunnen we deze solidariteit verbreden in plaats van versmallen? De roep om een sociaal Europa klinkt steeds luider. De toekomstige architectuur van onze sociale zekerheid moet Europeser worden. Misschien kan een versterkte samenwerking op sociaalzekerheidsgebied tussen een voorhoede van lidstaten (Benelux, Frankrijk, Duitsland) hier nieuwe kansen bieden?

Solidariteit over de taal- en landsgrenzen heen is altijd de troef van progressieve partijen geweest, en vandaag is dit meer dan ooit het geval. Groen! wil inzetten op de internationale verbondenheid van ecologisten. Alleen zo kunnen we een dam opwerpen tegen de uitwassen van het kapitalisme in een geglobaliseerde wereld. Alleen zo kunnen we een realistisch antwoord geven op de opwarming van onze aarde.
Deze solidariteit begint in eigen land. Mede daarom vormt Groen! in het federale parlement ook één fractie met Ecolo, de Waalse partij die ons gedachtegoed deelt. Dit is niet altijd makkelijk, want het gaat tegen de stroom in van een publieke opinie die constant onderlijnt wat ons verdeelt in plaats van oog te hebben voor wat ons verbindt.

Ook in het sociale beleid moet solidariteit in ere hersteld worden. Solidariteit is de voorbije jaren geruisloos vervangen door het ‘rechten/plichten denken’ van de actieve welvaarstaat. Dit paarse antwoord op de werkloosheid en de uitsluiting biedt mensen geen alternatief, integendeel. De positieve boodschap om mensen intensief te begeleiden naar een job en hen zo een inkomen en een gewaardeerde plek in onze samenleving te bezorgen, is verworden tot een praktijk van steeds meer uitsluiting. De VDAB is meer en meer een schorsingsmachine en voert, door in de feiten de werkloosheidsuitkering te beperken in tijd, het beleid uit van de Voka’s van deze wereld. Wie wil werken, vindt werk en heeft rechten. Wie geen werk vindt, voldoet niet aan zijn plichten en verliest meteen ook alle rechten. Steeds meer OCMW’s schorsen op hun beurt de RVA-geschorsten. Nochtans zegt artikel 1 van de wet die de openbare centra voor maatschappelijk welzijn instelt: ‘het recht op maatschappelijke dienstverlening, teneinde eenieder in staat te stellen een leven te leiden dat beantwoordt aan de menselijke waardigheid’. Dit recht was onvoorwaardelijk en niet gebonden aan een aantal plichten.
Groen! wil een alternatief uitwerken voor het denken van de actieve welvaartstaat dat steeds meer armoede en onwelzijn produceert. Een antwoord waar solidariteit met wie minder mogelijkheden heeft terug vooropstaat. De idee van een basisinkomen voor iedereen als sluitstuk voor de sociale zekerheid is een hoopvol en tergend haalbaar alternatief. Het bevrijdt mensen minstens voor een deel van de dictatuur van de arbeidsmarkt. Het is een efficiënt instrument om de armoede te bestrijden en herwaardeert arbeid die niet vergoed wordt op de reguliere arbeidsmarkt. Bovendien biedt het mensen ook de kans te onthaasten en te investeren in relaties.

Solidariteit tussen het Noorden en Zuiden van onze planeet. Dit vraagt vandaag in de eerste plaats een ambitieus en sociaal milieubeleid van de rijke landen. De ontwikkelingslanden worden als eerste geconfronteerd met de gevolgen van de klimaatopwarming. Maar ook in onze eigen regio zien we de eerste slachtoffers van de hogere energieprijzen. Zo’n 20% van de inwoners kan zich geen eigen woning permitteren, betaalt veel te veel voor een slecht geïsoleerde woning en kan niet genieten van de overheidssubsidies die eigenaars kunnen krijgen voor het plaatsen van zonnepanelen.
Groen! wil een ambitieus milieubeleid voor dit land. Dit kan niet door Vlaanderen uit te roepen tot het distributieland. Dit zuigt steeds meer containers en vrachtwagens naar onze regio. Het halen van de Kyotonorm is op die manier onmogelijk. Een ambitieus milieubeleid is eerst en vooral een economisch beleid. Een beleid dat bedrijven en processen steunt die rekening houden met de grenzen van de draagkracht van onze aarde én de financiële draagkracht van de mensen.

Solidariteit en verbondenheid zijn ten slotte ook de sleutels om beter samen te leven met wie een andere taal of cultuur heeft.
We leven in een land met verschillende taalgebieden. Het is bijzonder belangrijk dat er respect is voor elkaars taal, dat niemand zich cultureel superieur waant. Dit is des te belangrijker op een moment dat de veelkleurigheid en de veeltaligheid van onze steden toeneemt. We worden in onze directe omgeving met steeds meer talen en culturen geconfronteerd. Turkse, Marokkaanse en Poolse Antwerpenaren zoeken hun taalgenoten op, richten eigen verenigingen op en lezen hun eigen kranten. En dat is hun goed recht. Toch wonen we samen in één stad. We willen dat we elkaar herkennen en dat we ons als stadsgenoten verbonden voelen. En dus moet er gewerkt worden aan gemeenschappelijkheid, aan een identiteit die niet bepaald wordt door culturele achtergrond, maar wel door een gezamenlijke verantwoordelijkheid voor dezelfde wijk en dezelfde stad.

2008 wordt een mooi jaar. Een jaar waarin we bouwen aan een netwerk van steden, die elk aan identiteitsopbouw doen; aan een samenwerking tussen gewesten, gebaseerd op respect voor taal; aan een nieuw perspectief voor wie in armoede leeft; aan een sterke sociale zekerheid met meer en meer Europese allures; aan een wereldwijd ecologisch antwoord op de opwarming van onze aarde. 2008 wordt het jaar van de solidariteit.

Mieke Vogels
Voorzitter Groen!

Groen! - solidariteit

Samenleving & Politiek, Jaargang 15, 2008, nr. 1 (januari), pagina 8 tot 10