Abonneer Log in

Reproductieve rechten alleen zijn niet genoeg

SOCIALE BESCHERMING VOOR IEDEREEN

Samenleving & Politiek, Jaargang 22, 2015, nr. 8 (oktober), pagina 32 tot 35

Sociale bescherming wordt doorgaans geassocieerd met goede en voor iedereen toegankelijke systemen van sociale zekerheid. Die moeten mensen in staat stellen moeilijke periodes tijdens hun leven door te komen. Nuttig en nodig, zeer zeker, maar laat ons niet vergeten dat een aantal van die moeilijke periodes ook perfect voorkomen kunnen worden, bijvoorbeeld door seksuele en reproductieve rechten te garanderen en vrouwen zelf te laten beslissen over hun voortplanting. Dit draagt bij tot hun gezondheid, opleidings- en tewerkstellingskansen en autonomie. Het organiseren van sociale bescherming wordt daarmee een stuk gemakkelijker. Seksuele en reproductieve rechten zijn er nog niet overal en niet voor iedereen, maar ook waar ze wel bestaan is dat op zich nog niet voldoende om vrouwen ook in de praktijk een volledig zelfbeschikkingsrecht te garanderen. ‘The next frontier’ is de verandering in de geesten, en net dat is moeilijk te sturen.

SOCIALE BESCHERMING: MEER DAN UITKERINGEN

Ziekte, werkonbekwaamheid, werkloosheid: niemand zit erop te wachten, maar het kan iedereen overkomen en dan is het goed dat er sociale zekerheid is. Sociale bescherming is echter meer dan dat. Ze moet mensen in staat stellen om deze situaties in zoverre mogelijk te voorkomen, en om - als men er onverhoopt toch slachtoffer van wordt - ze zo weinig mogelijk het welzijn te laten aantasten en de toekomst te laten hypothekeren. Zaken die daarbij helpen zijn onder meer het aanleren van de nodige kennis en vaardigheden om voor zichzelf te zorgen - van hygiëne over gezonde voeding tot preventie van o.a. roken en druggebruik - en het verschaffen van de nodige rechten en autonomie om weloverwogen keuzes te maken in het leven.

Met betrekking tot dit laatste punt laat de toestand van veel vrouwen nog altijd veel te wensen over. Voor wie niet zelf kan beslissen of, wanneer en met wie ze kinderen krijgt is het uitbouwen van een carrière, het deelnemen aan de arbeidsmarkt en het beschermen van de eigen gezondheid en welzijn onbegonnen werk. Sociale bescherming in de vorm van sociale zekerheid is dan een magere troost.

GEBREK AAN REPRODUCTIEVE RECHTEN MAAKT VROUWEN KWETSBAAR

Seksuele en reproductieve rechten zijn fundamenteel voor het welzijn van individuen, koppels en gezinnen. Voor vrouwen zijn ze een noodzakelijke voorwaarde voor zelfbeschikking en zelfontplooiing en voor volwaardige deelname aan de sociale en economische ontwikkeling van hun gemeenschap. Er zijn al heel wat wetten uitgevaardigd en programma’s gelanceerd om de seksuele en reproductieve rechten te versterken en te bewaken, maar in bepaalde landen en op bepaalde aspecten is de toestand nog steeds verre van goed.

Voorbeelden van thema’s die nog heel wat aandacht nodig hebben: toegang tot contraceptie, dienstverlening voor adolescenten en jongeren, preventie van onveilige abortus en opvang van de gevolgen ervan, geweld tegen vrouwen en meisjes, vroegtijdige en gedwongen huwelijken en genitale verminking van vrouwen. In de minst ontwikkelde landen gebruiken zes van de tien vrouwen die geen kind willen in de nabije toekomst geen enkele vorm van contraceptie. Het ontzeggen van contraceptie aan de 222 miljoen vrouwen die momenteel geen toegang hebben tot moderne voorbehoedsmiddelen is een ernstige aantasting van hun recht om zelf te beslissen over hun eigen leven en toekomst, en houdt ook een aanzienlijk gezondheidsrisico in. Ongeplande zwangerschappen resulteren wereldwijd in naar schatting 42 miljoen abortussen en meer dan 100.000 overlijdens van moeders per jaar. De meerderheid daarvan is te wijten aan onveilig uitgevoerde abortussen.

Naast de gezondheidsrisico’s heeft een slecht getimede zwangerschap dikwijls ook verstrekkende gevolgen voor de sociaaleconomische situatie van de moeder en voor de levenskwaliteit binnen het koppel of het gezin. De meest kwetsbare groep in dit verband zijn jongeren. Tienerzwangerschappen hebben vaak tot gevolg dat de moeder noodgedwongen stopt met naar school gaan, laaggeschoold blijft en gedurende de rest van haar leven inboet aan inkomen, carrièremogelijkheden, autonomie, zelfontplooiing en status. Zwangerschap is op wereldschaal de meest voorkomende reden waarom meisjes vroegtijdig het middelbaar onderwijs verlaten.

Als de huidige trends in kindhuwelijken doorgaan, dan zullen er 14,2 miljoen meisjes per jaar voor hun 18de trouwen. Dat zijn er 39.000 per dag. Meer dan een derde daarvan is jonger dan 15 jaar. Kindhuwelijken worden in toenemende mate aanzien als een inbreuk op de mensenrechten. Ze beroven meisjes van hun recht op onderwijs, op gezondheid en op langetermijnwelzijn. Kindhuwelijken brengen een verhoogd risico op vroegtijdige zwangerschap met zich mee, wat op zijn beurt weer een risicofactor is voor complicaties tijdens de zwangerschap of de bevalling. Deze complicaties zijn de voornaamste doodsoorzaak van vrouwen in de leeftijdsgroep van 15 tot 19 jaar. Jaarlijks worden 180.000 vrouwen het slachtoffer van seksuele verminking. Naast de pijn die hiermee gepaard gaat, is er ook een groot risico op infecties en verwondingen, en zijn er ernstige psychologische en seksuele gevolgen die de levenskwaliteit van slachtoffers langdurig en aanzienlijk kunnen verminderen.

DE RECHTEN ZIJN ER - IN PRINCIPE

Op de International Conference on Population and Development (Caïro, 1994) engageerde de internationale gemeenschap zich om ervoor te zorgen dat vrouwen en koppels in staat zouden worden gesteld om vrijelijk te beslissen over het aantal kinderen dat ze willen en over de timing van hun voortplanting. Er werd een actieprogramma gelanceerd om ervoor te zorgen dat deze consensus ook in de praktijk geïmplementeerd werd. De overeengekomen acties omvatten onder meer het tegen 2015 voorzien in goede gezinsplanning en contraceptie, onderricht, informatie en dienstverlening voor iedereen, ook voor jongeren, en een verbod op vrouwelijke genitale verminking. Het programma riep ook op tot het betrekken van vrouwen bij de uitwerking en uitvoering van programma’s op het gebied van reproductieve gezondheid en rechten, en om innovatieve campagnes te lanceren om ook mannen bewust te maken van hun verantwoordelijkheid, zowel bij de gezinsplanning als bij het verzorgen en opvoeden van de kinderen, en om hen ertoe aan te zetten de gezinslasten eerlijker te verdelen.

Dat is ondertussen meer dan twintig jaar geleden. Er is zeker veel vooruitgang geboekt in de afgelopen twee decennia, maar zoals hierboven aangegeven is de situatie in heel wat landen nog steeds schrijnend. Voor een deel heeft dat te maken met de religieuze en politieke tegenstand tegen vrouwenrechten. Maar ook in landen waar internationale verdragen over mensenrechten geratificeerd zijn en waar gendergelijkheid en vrouwenrechten in de wetgeving opgenomen zijn, komen tienerzwangerschappen voor en hebben vrouwen vaak meer kinderen dan ze eigenlijk willen. Waar loopt het fout?

REPRODUCTIEVE RECHTEN ALLEEN ZIJN NIET GENOEG

Seksualiteit en voortplanting behoren tot de intiemste aspecten van het mens-zijn. Het reguleren ervan is dan ook zeer delicaat en moeilijk. Dat gaat in twee richtingen: enerzijds kan de overheid (gelukkig) maar zeer beperkt ingrijpen in wat zich in onderlinge toestemming tussen wilsbekwame mensen afspeelt. Anderzijds is het zeer moeilijk om rechten die te maken hebben met seksualiteit ook in de praktijk afdwingbaar te maken. Dat betekent niet dat overheden niet veel kunnen doen: naast het verankeren van mensenrechten in wetgeving, moet er ook op het vlak van dienstverlening nog veel gebeuren, onder meer op het gebied van seksuele opvoeding en contraceptiedienstverlening, ook aan jongeren, en het ter beschikking stellen van veilige abortus.

Maar ook als dat allemaal beschikbaar is dan hangt er in de praktijk nog veel af van man-vrouwrolpatronen en machtsverhoudingen in koppels, gezinnen en samenlevingen. Dat zijn dingen die zeer moeilijk te veranderen zijn. Het is ook niet evident om daar vanuit een westers universalistisch perspectief waardeoordelen over te formuleren en met vingers te wijzen zonder zich in de hoek te plaatsen van postkoloniaal paternalisme. Nochtans is dat precies ‘the next frontier’: als de rechten verankerd zullen zijn in nationale wetgevingen (en zover zijn we nog lang niet, maar we gaan vooruit), en als er universele sociale zekerheidssystemen geïnstalleerd zullen zijn (en ook dat is helaas nog niet voor morgen, maar er wordt aan gewerkt) dan moet nog de verandering in de geesten plaatsvinden die ervoor zorgt dat vrouwen ook daadwerkelijk hun rechten en hun autonomie kunnen doen gelden. Een dergelijke verandering is zeer moeilijk te sturen. Eigenlijk weet niemand goed hoe dat moet. Maar het goede nieuws is dat het mogelijk is: we zagen de afgelopen decennia grote mentaliteitsverschuivingen op allerlei gebieden, van roken over afval sorteren tot homohuwelijken en dronken achter het stuur zitten. Niet dat er op al die terreinen geen problemen meer zijn of dat iedereen zich altijd aan de regels houdt, maar inbreuken kunnen meestal rekenen op sociale afkeuring en leiden ook veel gemakkelijker dan vroeger tot ingrijpen van omstaanders, politie en gerecht. Zo moet het ook gaan met vrouwenrechten (en met nog heel wat andere zaken). Nu zijn ze nog een strijdpunt, maar ze moeten een vanzelfsprekendheid worden.

Zonder dat sluitstuk is sociale bescherming voor vrouwen niet meer dan een doekje voor het bloeden. Dit bereiken vraagt niet minder dan een revolutie in veel landen. En ook bij ons is er nog wel wat werk aan de winkel. Politici, rechters, ordehandhavers, actiegroepen, middenveldorganisaties, media, lokale leiders en ook ‘gewone’ vrouwen en mannen hebben daar allemaal een rol in te spelen. Verandering van mentaliteit kan niet worden gedecreteerd, het is een zaak van ontelbare kleine stapjes. Elke dag weer.

Dirk Van Braeckel en Marleen Temmerman
International Centre for Reproductive Health, UGent

sociale bescherming - vrouwen - reproductieve rechten

Samenleving & Politiek, Jaargang 22, 2015, nr. 8 (oktober), pagina 32 tot 35