Abonneer Log in

9. 'Kies voor buurtgerichte ouderenzorg'

10 IDEEËN VOOR EEN NIEUWE SOCIALE ZEKERHEID

Samenleving & Politiek, Jaargang 28, 2021, nr. 3 (maart), pagina 30 tot 32

We moeten, liever vandaag dan morgen, ophouden met investeren in grootschalige wooncampussen.


® Brecht Van Maele

Open in elke wijk een Lokaal Dienstencentrum waar mensen die eenzaam zijn terecht kunnen voor activiteiten of een warme maaltijd.

De leegstand in de rusthuizen wakkert de commerciële logica nog aan.

Op 28 januari berichtte De Standaard over de opening van het Leuvense woonzorgcentrum Booghuys: 49 bewoners met dementie wonen er in acht aparte wooneenheden, uitgerust met allerlei technologische hoogstandjes, om de bewoners een zo normaal mogelijk leven te garanderen. Het Booghuys staat model voor de post-corona visie op de woonzorgcentra (WZC). Corona leerde ons namelijk dat kwetsbare mensen opvangen in een grootschalige voorziening met veel volk dat binnen en buiten loopt, de gedroomde omgeving is voor het verspreiden van virussen. De oplossing: deel grote WZC in kleinere eenheden (bubbels).

Maar lossen we alle problemen in de ouderenzorg op door grote voorzieningen op te delen in kleinere afdelingen? Helaas niet. Drie bedenkingen:

Een. De coronaproblemen in de WZC zijn maar het topje van de ijsberg. Het uitgangspunt van de ouderenzorg evolueerde de voorbije decennia van recht op aangepaste zorg naar vermaatschappelijking van zorg. De overheid rekent op het eigen netwerk van de zorgbehoevende oudere om zo lang mogelijk thuis te blijven wonen. Pas als de oudere zeer zwaar zorgbehoevend is heeft hij 'recht' op een bed in een woonzorgcentrum. Ouderen verblijven vandaag gemiddeld 1,5 jaar in een woonzorgcentrum.

Ook ouderen die thuis wonen, krijgen vandaag niet de zorg die ze nodig hebben. Uren professionele zorg vallen weg door zieke medewerkers en mantelzorgers mogen niet meer langskomen omwille van de coronamaatregelen. Ook na corona zal de situatie van thuiswonende ouderen niet verbeteren.

Tegen 2030 zal het aantal 85-plussers stijgen met 42.000, velen van hen alleenstaand. Ze waren ooit de mantelzorger voor hun partner, maar zijn intussen weduwe of weduwnaar. Kinderen zwermen verder uit. Ze wonen steeds minder vaak in de buurt van hun ouders. Werken tot 65 betekent minder tijd en ruimte om zorg te verlenen aan hoogbejaarde ouders. Vermaatschappelijking van zorg wordt synoniem van trek je plan? Steeds meer ouderen 'lijden' aan eenzaamheid.

Twee. De babyboomers van vandaag – de 85-plussers van morgen – geven in alle toonaarden aan dat ze hun laatste levensfase niet in een woonzorgcentrum willen doorbrengen. De breuk tussen thuis en woonzorgcentrum is vandaag bijzonder bruusk. Wie thuis woont wordt uitgedaagd om met hulp zo lang en zo veel mogelijk zelf te doen. Als de oudere verhuist naar een woonzorgcentrum valt elke uitdaging weg, zelf eten maken of stof afnemen, het kan niet meer. Het huisdier verzorgen hoeft niet meer, aangezien het niet mee mag verhuizen. Het leven wordt gereduceerd tot wachten: wachten op zorg, wachten op eten, wachten op bezoek dat (misschien) komt, wachten op het einde.

Kleinere wooneenheden binnen een grootschalige instelling, het kan helpen om virussen buiten te houden maar het blijft grootschalige opvang. Een kostschool opgedeeld in kleine groepen blijft een kostschool.

Drie. Het verblijf in het WZC zal voor steeds meer mensen onbetaalbaar worden. Het Booghuys is een prestigeproject waarbij de stad Leuven investeerde in de technologie. Andere WZC zullen die kosten noodgedwongen doorrekenen in de dagprijs. Vandaag al betalen de bewoners maandelijks tussen 1.750 en 2.000 euro, terwijl het gemiddelde pensioen nog steeds 1.250 euro bedraagt. De Vlaamse zorgverzekering, opgericht om de ouderenzorg betaalbaar te houden, werkt niet.

Open in elke wijk een Lokaal Dienstencentrum waar mensen die eenzaam zijn terecht kunnen voor activiteiten of een warme maaltijd.

We moeten dus, liever vandaag dan morgen, ophouden met investeren in grootschalige wooncampussen. Het alternatief? Open in elke wijk een Lokaal Dienstencentrum waar mensen die eenzaam zijn terecht kunnen voor activiteiten of een warme maaltijd, en waar de zorg gecoördineerd wordt voor ouderen die hulp nodig hebben bij hun dagelijkse activiteiten. Ouderen die permanent zorg nodig hebben verblijven in een woonzorghuis. Elke buurt in Vlaanderen is anders – stedelijk of landelijk, rijk of arm, veel of weinig voorzieningen. Buurtgerichte Zorg ent zich op die lokale context. Ze organiseert zorg op maat voor en met ouderen, en ze stimuleert initiatieven die groeien van onderuit. Senioren nemen steeds vaker zelf initiatief. Ze kiezen ervoor om samen een huis te huren of te kopen om de woonkost te delen, minder eenzaam te zijn en elkaars mantelzorger te zijn.

Enkele voorbeelden? De vzw Abbeyfield, ontstaan in Engeland, ondersteunt ouderen die samen een woning willen huren; het is co-housing op maat van 55-plus. Abbeyfield is in ons land actief sinds 1995. Er is heel wat interesse, maar de Vlaamse vzw moet opboksen tegen vooroordelen en tegenwerking. Na 25 jaar vechten gingen onlangs de eerste Abbeyfieldhuizen open in Gent en Leuven.

Nog een voorbeeld is De Living, een vzw die op zoek gaat naar geschikte locaties voor een groep van een 25-tal bewoners die samen willen investeren. De Living werkt vooral projecten uit in locaties met een ziel. Een oud kasteeltje in Antwerpen, een klooster in Gent. De initiatiefnemers hadden gehoopt op een enthousiaste overheid, maar niets bleek minder waar.

De Antwerpse huisvestingsmaatschappij de Ideale Woning realiseerde al in 2014 haar project 'bejaarden op kot'. Vijf alleenstaande ouderen (65-plussers) met een geringe financiële draagkracht, een beperkt sociaal netwerk en een beginnende zorgbehoefte wonen er samen in de buurt waaruit ze afkomstig zijn. Opeenvolgende ministers lopen er – met journalisten in hun zog – de deur plat. Onlangs nog, in volle coronaperiode, bezocht minister van Welzijn Wouter Beke dit initiatief. Een mooi voorbeeld van hoe ouderenzorg anders en kleinschalig kan, zei hij. De realiteit is anders: sinds 2014 tracht De Ideale Woning ook elders collectieve huizen voor kansarme ouderen te bouwen, maar de initiatiefnemers botsen op tegenkanting. Die tegenkanting is niet eenduidig en subtiel; altijd zijn er wel 55 redenen waarom het net niet kan. Bij Villa De Proost in Aarschot was de tegenkanting minder subtiel. Villa De Proost is een cohousingproject van zeven ouderen. Burgemeester van Aarschot, Gwendolyn Rutten, werd verzocht om de zegels te leggen en de bewoners uit huis te zetten. Volgens de zorginspectie was dit project, dat geen subsidies krijgt, een illegaal woonzorgcentrum! In een reactie op Villa Proost laat minister Beke het volgende weten: 'We gaan samen met de sector bekijken hoe alternatieve woonzorgvormen eruit kunnen zien. Wij geloven in gezellige, kleinschalige woonleefgemeenschappen binnen een grootschalig professioneel netwerk'.

Het moet dus anders, dat beseft ook de minister. Maar hoe het anders zou kunnen, daar willen de grote spelers op de markt van de zorgbedrijven zelf over beslissen. De overheidsmiddelen voor de zorg moeten binnen 'de familie' blijven. Op dit moment staan als gevolg van de coronacrisis duizenden bedden leeg. In plaats van dit aan te grijpen om de instellingszorg af te bouwen, maakt minister Beke liefst 122 miljoen euro vrij om de leegstaande bedden te blijven betalen. De leegstand in de rusthuizen wakkert de commerciële logica nog aan. In sommige rusthuizen bestaat er een premie voor het personeel: 500 euro bij het 'binnenhalen' van een bewoner en nog eens 500 euro als die bewoner na een jaar nog in het centrum verblijft.

De leegstand in de rusthuizen wakkert de commerciële logica nog aan.

De opeenvolgende CD&V-ministers van Welzijn hebben blijkbaar geen probleem met de commercialisering van de zorg, en delen 'de markt van de ouderenzorg' met beursgenoteerde commerciële zorgbedrijven. Tegelijk vuren ze wel de zorginspectie aan om vernieuwende initiatieven te blokkeren. De kracht van de stilstand is pijnlijk. Begoede ouderen betalen zich ondertussen blauw voor minimale zorg in 'zorgbedrijven'. Minder begoede ouderen vereenzamen in onaangepaste woningen, zonder de nodige zorg en ondersteuning.

Dat moet #BETERnacorona. De zorg voor de meest kwetsbaren hoort niet aan de rand van de samenleving in anonieme grootschalige zorgbedrijven, maar maakt er integraal deel van uit. Buurtgerichte Zorg organiseert zorg op maat samen met ouderen en stimuleert initiatieven die groeien van onderuit.

Samenleving & Politiek, Jaargang 28, 2021, nr. 3 (maart), pagina 30 tot 32

10 IDEEËN VOOR EEN NIEUWE SOCIALE ZEKERHEID

1. 'Herfinancier de sociale zekerheid'
Raf De Weerdt
2. 'Maak van kinderopvang een basisvoorziening'
Michel Vandenbroeck
3. 'Geef schoolverlaters meteen een uitkering of, nog beter, een job'
Astrid Thienpont
4. 'Financier eerstelijnszorg duurzaam en fair'
Veerle Vyncke en Tom Meeus
5. 'Maak de bijstand toegankelijker'
Sarah Marchal
6. 'Geef platformwerkers basisrechten'
Karolien Lenaerts
7. 'Ken volledige sociale rechten toe vanaf 4/5e VTE'
Franne Mullens
8. 'Versterk ten volle de eerste pijler'
Jozef Pacolet
9. 'Kies voor buurtgerichte ouderenzorg'
Mieke Vogels
10. 'Bouw een mondiaal fonds voor sociale zekerheid'
Gorik Ooms